Materiële deprivatie

Materiële deprivatie in 2017

Huishoudens
Materiële deprivatie in 2017

De EU-SILC-enquête, georganiseerd door Statbel, het Belgische statistiekbureau, levert de eerste resultaten over de evolutie van de armoede in België in 2017.

  • In 2017 werd in België 5% van de bevolking geconfronteerd met een toestand van ernstige materiële deprivatie;
  • Op vakantie gaan of een onverwachte uitgave doen is onmogelijk voor een kwart van de Belgen;
  • Meer dan één persoon op 10 ontzegt zichzelf hobby's of sociale contacten om financiële redenen;
  • In totaal heeft 21% van de Belgen moeilijkheden om de eindjes aan elkaar te knopen.

Deze voorlopige resultaten zijn de eerste beschikbare indicatoren voor wat betreft de armoede in België in 2017 afkomstig uit de SILC-enquête en zullen in de volgende maanden aangevuld worden met monetaire indicatoren.

Vijf op 100 Belgen zijn ernstig materieel gedepriveerd

Materiële deprivatie betekent dat men zich de gangbare levensstandaard niet kan veroorloven. Deze indicator analyseert met andere woorden niet de financiële situatie van individuen, maar eerder wat men zich kan veroorloven (of niet) met de beschikbare financiële middelen. De EU-SILC-enquête meet materiële deprivatie aan de hand van het ontbreken van negen materiële bezittingen en de onmogelijkheid om een aantal handelingen te doen die symbool staan voor de gemiddelde levensstandaard in onze maatschappij. Wanneer iemand zich minstens 4 van deze 9 items niet kan veroorloven, kunnen we stellen dat er sprake is van ernstige materiële deprivatie (Severe Material Deprivation, SMD) (beschreven in tabel 1). In 2017 bevond 5% van de Belgische bevolking zich in een situatie van ernstige materiële deprivatie.

Tabel 1: onderdelen van de materiële deprivatie-indicator

Percentage van de personen die in een huishouden leven dat zich om financiële redenen niet kan veroorloven: 2017
Rekeningen op tijd te betalen (huur, water, elektriciteit, etc.) 5%
Een week vakantie per jaar te nemen buitenshuis 25%
Minstens om de twee dagen vlees, kip, vis of een vegetarisch alternatief te eten 6%
Een onverwachte uitgave te doen 25%
Een telefoon te bezitten 0,1%
Een kleurentelevisie te bezitten 0,6%
Een wasmachine te bezitten 1%
Een persoonlijke wagen te bezitten 6%
Het huis voldoende te verwarmen 6%
% van personen die van ten minste 4 van de 9 voorgaande elementen gedepriveerd is en dus "in een toestand verkeert van ernstige materiële deprivatie" 5%

Er bestaat een duidelijk onevenwicht tussen de verschillende elementen waaruit materiële deprivatie bestaat. De aankoop van een televisie of telefoon vormt amper een probleem, maar een onverwachte uitgave doen (van 1.100 euro) is een groot knelpunt voor 25% van de bevolking. Ook een kwart van de bevolking kan om financiële redenen niet jaarlijks één week op vakantie gaan. Enkele maandelijkse kosten zoals de huur en de energierekeningen vormen een probleem voor 5% van de bevolking. Bovendien heeft 6% van de Belgen problemen met de aankoop van een wagen en 6% met de regelmatige consumptie van vlees, kip, vis of een vegetarisch alternatief.

Hobby's te duur voor 13% van de Belgen

Naast de onderdelen die deel uitmaken van de materiële deprivatie-indicator, verzamelt de EU-SILC-enquête eveneens informatie over andere materiële deelaspecten van het dagelijks leven van de +16-jarigen. Deze aspecten worden weergegeven in tabel 2.

Tabel 2: Bijkomende aspecten van materiële deprivatie

Percentage +16-jarigen voor wie het niet mogelijk is om:  2017
Versleten kledij te vervangen door nieuwe kledij 8%
Twee paar schoenen in goede staat te hebben (waarvan één paar gesloten schoenen) 2%
Thuis toegang tot internet aan te schaffen 3%
Minstens éénmaal per maand met vrienden of familie uit eten te gaan of iets te gaan drinken 11%
Regelmatig deel te nemen aan vrijetijdsactiviteiten zoals sport, film, concerten, etc. 13%
Wekelijks een bedrag uit te geven voor persoonlijke behoeften 10%

Een belangrijk deel van de bevolking van 16 jaar en ouder geeft aan dat ook sociale activiteiten moeilijk te financieren zijn. Dit blijkt uit tabel 2. 13% van de Belgische bevolking van 16 jaar en ouder slaagt er niet in om regelmatige vrijetijdsactiviteiten te betalen; 10% kan het zich niet veroorloven om wekelijks een klein bedrag aan zichzelf uit te geven om bv. naar de kapper gaan of een cadeau kopen; en 11% heeft onvoldoende middelen om minstens éénmaal per maand met vrienden of familie uit eten te gaan of iets te gaan drinken. Materiële deprivatie kan zich als dusdanig eveneens uiten in een vorm van sociale deprivatie omwille van onvoldoende financiële middelen.

Moeite om in 2017 de eindjes aan elkaar te knopen

21% van de bevolking leeft in een huishouden dat verklaart moeite te hebben om de eindjes aan elkaar te knopen, rekening houdend met de inkomsten. Sinds het begin van de crisis in 2008, is deze subjectieve armoede nooit terug onder de grens van 20% gedaald.

Deze resultaten komen uit de enquête naar de inkomens en levensomstandigheden (EU-SILC) 2017.  Deze enquête wordt sinds 2004 georganiseerd door Statbel, het Belgische statistiekbureau, en bevraagt jaarlijks ongeveer 6.000 Belgische huishoudens. Via deze enquête, die op Europees niveau is geharmoniseerd, worden de voornaamste evoluties op vlak van armoede en sociale uitsluiting opgevolgd.

Armoede is een multidimensionaal fenomeen. Intuïtief wordt vaak gefocust op inkomensarmoede, dit wil zeggen monetaire armoede, maar het brede armoedeconcept impliceert aanvullend aandacht voor niet-inkomensgerelateerde armoede. Eén van deze componenten is materiële deprivatie, een subonderdeel van de officiële armoede-indicator vastgelegd in EU2020.

Dit persbericht gaat over de eerste voorlopige resultaten inzake ernstige materiële deprivatie van de SILC-enquête 2017. Een persbericht over de andere armoede-indicatoren zal later gepubliceerd worden.

Tabel
Content
Percentage van de personen die in een huishouden leven dat zich om financiële redenen niet kan veroorloven: 2017
Rekeningen op tijd te betalen (huur, water, elektriciteit, etc.) 5,0%
Een week vakantie per jaar te nemen buitenshuis 25,0%
Minstens om de twee dagen vlees, kip, vis of een vegetarisch alternatief te eten 6,0%
Een onverwachte uitgave te doen 25,0%
Een telefoon te bezitten 0,1%
Een kleurentelevisie te bezitten 0,6%
Een wasmachine te bezitten 1,0%
Een persoonlijke wagen te bezitten 6,0%
Het huis voldoende te verwarmen 6,0%
% van personen die van ten minste 4 van de 9 voorgaande elementen gedepriveerd is en dus "in een toestand verkeert van ernstige materiële deprivatie" 5,0%
Statbel (Algemene Directie Statistiek - Statistics Belgium)
Personen worden beschouwd zich in een toestand van ernstige materiële deprivatie te bevinden, als ze in een huishouden leven waar ze zich vier van de volgende elementen financieel niet kunnen veroorloven: (1) rekeningen op tijd betalen, (2) jaarlijks een week vakantie nemen buitenshuis, (3) minstens om de twee dagen een maaltijd eten die vlees, kip of vis bevat, (4) een onverwachte uitgave doen van 1.100 euro of meer, (5) een telefoon hebben, (6) een kleurentelevisie hebben, (7) een wasmachine hebben, (8) een personenwagen hebben en (9) het huis voldoende kunnen verwarmen.

Doel en korte beschrijving.

EU-SILC (European Union – Statistics on Income and Living Conditions) is een enquête naar inkomens en levensomstandigheden en een belangrijk instrument om zowel op Belgisch als op Europees niveau armoede en sociale uitsluiting in kaart te brengen.

De doelstelling van deze enquête is te komen tot een globaal kader voor de productie van 'communautaire' statistische gegevens betreffende inkomen en levensomstandigheden (EU-SILC), met inbegrip van zowel coherente cross-sectionele als longitudinale gegevens over inkomen en armoede (niveau, samenstelling, ...) op nationaal en Europees niveau.

Populatie

Private huishoudens

Dataverzamelingsmethode

CAPI (Computer Assisted Personal Interview).

Respons

60% (N= ± 6000 huishoudens).

Frequentie

Jaarlijks.

Timing publicatie

Voorlopige resultaten (materiële deprivatie en module) beschikbaar in januari na het enquêtejaar, finale resultaten beschikbaar in juni na het enquêtejaar.

Formulieren

Definities

Risico op armoede of sociale uitsluiting (AROPE)

Risico op armoede of sociale uitsluiting, afgekort AROPE, verwijst naar de situatie waarin personen geconfronteerd worden met minstens één van de 3 volgende armoederisico’s: monetaire armoede, ernstige materiële deprivatie of leven in een huishouden met zeer lage werkintensiteit. De AROPE-graad, het aandeel van de totale bevolking dat een risico op armoede of sociale uitsluiting loopt, is de belangrijkste indicator om armoede op te volgen in het kader van de strategie “Europa 2020”.

Armoederisico = Risico op monetaire armoede (AROP)

Het armoederisico (AROP) verwijst naar het percentage personen met een equivalent beschikbaar inkomen (na sociale transfers) dat onder de armoededrempel ligt.

De indicator meet geen rijkdom of armoede in sé, maar een laag inkomen in vergelijking met anderen in dat land. Dit impliceert niet noodzakelijk een lage levensstandaard.

Armoederisico voor sociale transfers: Percentage personen waarvan het equivalent inkomen na deductie van alle sociale transfers onder de armoededrempel valt.

Armoederisico voor sociale transfersexclusief pensioenen: Percentage personen waarvan het equivalent inkomen na deductie van sociale transfers, met uitzondering van pensioen, onder de armoededrempel valt.

Ernstige materiële deprivatie (SMD)

De mate van materiële deprivatie is een indicator die het onvermogen uitdrukt om sommige items die door de meeste mensen worden beschouwd als wenselijk of zelfs noodzakelijk om een adequaat leven te leiden, te veroorloven. De indicator maakt onderscheid tussen personen die een bepaald goed of een bepaalde dienst niet kunnen betalen, en degenen die dit goed of deze dienst niet hebben om een andere reden, bijvoorbeeld omdat ze het niet willen of niet nodig hebben.
De indicator meet het percentage van de bevolking dat zich ten minste drie van de volgende negen items niet kan veroorloven:

  1. om hun huur, hypotheek of nutsrekeningen te betalen;
  2. om hun huis voldoende warm te houden;
  3. om onverwachte uitgaven te maken;
  4. regelmatig eten van vlees of eiwitten;
  5. om op vakantie te gaan;
  6. een kleurentelevisie;
  7. een wasmachine;
  8. een auto;
  9. een telefoon.

Ernstige mate van materiële deprivatie (SMD) wordt gedefinieerd als het gedwongen onvermogen om te betalen voor ten minste vier van de bovengenoemde items.

Lage werkintensiteit (LWI)

De indicator personen die leven in huishoudens met een zeer lage werkintensiteit, wordt gedefinieerd als het aantal personen in een huishouden waar de leden in beroepsactieve leeftijd minder dan 20% van hun totale potentieel werkten gedurende de voorgaande twaalf maanden.
De werkintensiteit van een huishouden is de verhouding van het totale aantal maanden dat alle leden van het huishouden in de werkende leeftijd hebben gewerkt tijdens het inkomensreferentiejaar en het totale aantal maanden dat dezelfde leden van het huishouden theoretisch in dezelfde periode zouden kunnen gewerkt hebben.
Een werknemer in de werkende leeftijd is een persoon van 18-59 jaar, met uitsluiting van studenten in de leeftijdsgroep tussen 18 en 24 jaar.
Huishoudens die alleen uit kinderen, studenten van minder dan 25 jaar en/of mensen van 60 jaar of ouder bestaan, zijn volledig uitgesloten van de indicatorberekening.

Meer definities...

Opmerkingen

Breuk in de reeks in 2013 betreffende de werklozen - Tot 2012 werden bruggepensioneerden op basis van de aard van hun inkomen beschouwd als werklozen.

Vanaf 2013 werd deze categorie mensen ingedeeld bij de gepensioneerden, mensen met vervroegd pensioen of mensen ter beschikking gesteld voorafgaand aan het pensioen. Dat sluit beter aan bij de onderverdeling die Eurostat beoogt, en waarin staat dat bruggepensioneerden alleen als werklozen mogen worden beschouwd als ze de intentie hebben om de arbeidsmarkt opnieuw te betreden.

De stijging van het armoedecijfer bij werklozen in 2013 heeft dus een technische oorzaak en geeft geen wijziging van de reële situatie weer.

Metadata

Rapporten en artikels

matdepriv.svg

Zijn er vragen over dit thema?