Monitoring van levensomstandigheden

Meest kwetsbare personen hebben het steeds moeilijker om rond te komen

Huishoudens
Meest kwetsbare personen hebben het steeds moeilijker om rond te komen

In België is het percentage van de bevolking tussen 16 en 74 jaar dat moeilijkheden of grote moeilijkheden ondervindt om rond te komen, gestegen van 11,7% in het derde kwartaal 2021 tot 16,1% in het tweede kwartaal 2022. Dat blijkt uit de nieuwe resultaten van de driemaandelijkse enquête over de levensomstandigheden[1] van Statbel, het Belgische statistiekbureau.

Dit aandeel is het grootst in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest met 29,4%. Daarna volgt Wallonië met 21,1% en Vlaanderen met 10,8%.

Stijging voor bijna alle categorieën van de bevolking

Bij de 20% van de personen met de laagste inkomens (eerste inkomenskwintiel) is het voor 34,2% van hen moeilijk of zeer moeilijk om rond te komen in het tweede kwartaal 2022, tegenover 23,9% in het derde kwartaal 2021 toen dit voor het eerst in de enquête werd gemeten. De stijging is ook groot voor de personen in het tweede kwintiel, van 16,8% naar 24,6%.

Ook vindt meer dan een derde van de alleenstaande ouders (34%) het nu moeilijk of zeer moeilijk om de eindjes aan elkaar te knopen, tegenover 17,6% van hen in het derde kwartaal 2021.

Er zijn ook aanwijzingen dat studenten en gepensioneerden het steeds moeilijker krijgen. De stijging is zeer groot voor studenten: 18,2% heeft moeite om rond te komen in het tweede kwartaal 2022, tegenover 10,7% in het derde kwartaal 2021. In het tweede kwartaal 2022 meldde 15,5% van de gepensioneerden (grote) problemen om rond te komen, tegenover 10,8% in het derde kwartaal 2021.

Hoewel het percentage personen dat getroffen wordt onder werknemers aanzienlijk lager ligt, valt het op dat het hebben van een baan 10,4% van de werknemers niet beschermt tegen (grote) problemen om de eindjes aan elkaar te knopen. Dit is een stijging van 60% ten opzichte van het percentage werknemers dat moeilijkheden rapporteerde in het derde kwartaal 2021 (6,5%).

66% van de Belgen voelt zich gelukkig

Anderzijds lijkt deze toename van gerapporteerde moeilijkheden om rond te komen geen invloed te hebben op het algemene niveau van het geluksgevoel. Dit is vrij stabiel gebleven sinds de eerste meting van de enquête. Respectievelijk 66,5%, 66,3% en 63,3% van de bevolking voelde zich altijd of meestal gelukkig tijdens de eerste 3 kwartalen van de enquête (van Q3 2021 tot Q1 2022), terwijl 65,9% zich altijd of meestal gelukkig voelde in het tweede kwartaal van 2022.


[1] De resultaten zijn afkomstig uit de driemaandelijkse enquête over het persoonlijk welbevinden en de levensomstandigheden van Belgen tussen 16 en 74 jaar. De bevraging wordt onder meer georganiseerd op vraag van Eurostat, om zo het maatschappelijk herstel tijdens de COVID-19-pandemie te monitoren.

Doel en korte beschrijving

IALC (Infra Annual Living Conditions) is een driemaandelijkse bevraging naar levensomstandigheden. De doelstelling van deze bevraging is het opvolgen van het maatschappelijk herstel in tijden van de covid-19 pandemie. Op Europees niveau vormt IALC een input voor het ‘European Statistical Recovery Dashboard ’ dat (drie)maandelijkse indicatoren verzamelt om economische en sociale ontwikkelingen tijdens het herstel bij te houden.

Populatie

Leden van privé-huishoudens van 16 t.e.m. 74 jaar 

Basis van de steekproef

Demografische gegevens van het rijksregister

Dataverzamelingsmethode en eventuele steekproefomvang

De bevraging voor IALC werd gekoppeld aan het vehikel van de Enquête naar arbeidskrachten (EAK). Er wordt een beperkte module met vragen gesteld aan het einde van de vragenlijst aan respondenten van de vierde wave in de EAK-bevraging (in de CAWI/CATI-vragenlijst). Deze bevraging startte in het derde kwartaal van 2021 en is voorzien t.e.m. het vierde kwartaal van 2022.

Definities

Laaggeschoolden zijn die personen die maximaal een diploma hebben van het lager secundair onderwijs. Middengeschoolden zijn personen die een diploma behaald hebben van het hoger secundair onderwijs, maar geen diploma van het hoger onderwijs. Hooggeschoolden hebben een diploma van het hoger onderwijs.

Vragenlijst

Vragenlijst

Respons

Statbel bevraagt zo’n 5.000 Belgen tussen 16 en 74 jaar. 

Frequentie

Driemaandelijks