Wekelijkse faillissementen

135 faillissementen in week 41

Ondernemingen
135 faillissementen in week 41

Tijdens de week van 11 tot 17 oktober (week 41) spraken de ondernemingsrechtbanken 135 faillissementen uit. Daarbij gingen in totaal 216 arbeidsplaatsen verloren.

De cijfers van week 41 vertonen dus een daling van het aantal faillissementen en van het verlies aan arbeidsplaatsen ten opzichte van de voorgaande week.

In de eerste 41 weken van 2021 hebben de ondernemingsrechtbanken 4.815 faillissementen uitgesproken. Dat is 15,8% minder dan het cijfer van de eerste 41 weken van 2020.

Het jobverlies per faillissement ligt in 2021 ook 16,3% lager dan in het voorgaande jaar. Zo gingen er in de eerste 41 weken van 2021 2,12 banen verloren per faillissement, tegenover 2,53 in dezelfde periode in 2020.

Het aantal faillissementen en banenverlies voor de eerste 41 weken van het jaar

Categorie 2019 2020 2021 2021/2020 2021/2019
Faillissementen 8.233 5.720 4.815 -15,82% -41,52%
Verloren arbeidsplaatsen 16.120 14.468 10.199 -29,51% -36,73%
Verloren arbeidsplaatsen/Faillissementen 1,96 2,53 2,12 -16,26% +8,18%

Dat blijkt uit de wekelijkse faillissementscijfers die Statbel op basis van de vonnissen van de ondernemingsrechtbanken opstelt. Deze tussentijdse, wekelijkse ramingen maken het mogelijk om snel de eerste trends waar te nemen.

Dashboard
Content

Doel en korte beschrijving

Iedere maand berekent Statbel de faillissementscijfers van de voorgaande maand. De cijfers worden circa 15 dagen na de referentiemaand gepubliceerd. Op deze datum zijn de faillissementscijfers definitief. Aanvullend op de maandelijkse cijfers kan Statbel ook tussentijdse, wekelijkse ramingen maken. Deze weekcijfers maken het mogelijk om snel de eerste trends waar te nemen. Naast de cijfers over het aantal faillissementen berekent Statbel ook steeds het bijhorende banenverlies. Voor het banenverlies doet Statbel een beroep op de laatst beschikbare informatie bij de RSZ.

De door Statbel opgestelde faillissementsstatistieken zijn gebaseerd op gegevens van de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) en het statistisch ondernemingsregister. Bij de interpretatie van de cijfers moet rekening worden gehouden met het feit dat er een zekere vertraging is tussen de stopzetting van de economische activiteit en de faillietverklaring door de ondernemingsrechtbank. Als gevolg daarvan is een economische impact pas met enige vertraging zichtbaar in de cijfers.

Door de genomen maatregelen tijdens de Covid-19-crisis en de daarmee gepaard gaande lockdown, beperkten de ondernemingsrechtbanken en griffies hun activiteiten tot 18 mei 2020. Bovendien was tot 17 juni 2020 een tijdelijk moratorium van kracht om bedrijven die voor 18 maart 2020 in goede gezondheid verkeerden, te beschermen tegen de gevolgen van de COVID-19-crisis.

Vervolgens keurde de federale regering op vrijdag 6 november 2020 een nieuw moratorium op faillissementen goed. Dit moratorium was van kracht tot en met 31 januari 2021 en bood bescherming aan deze bedrijven die hun deuren verplicht moesten sluiten als gevolg van het ministerieel besluit van 1 november 2020 tot wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 betreffende noodmaatregelen ter beperking van de verspreiding van het coronavirus COVID-19.

Om het einde van dit tweede moratorium te compenseren, hervormde de federale regering de toegang tot de procedure van gerechtelijke reorganisatie. Deze hervorming, die de procedure flexibeler moet maken, bestaat uit drie lijnen. Vooreerst moeten ondernemingen bij aanvang van de procedure slechts 3 in plaats van 11 documenten indienen. De resterende documenten kunnen in de loop van de procedure worden ingediend. Vervolgens zou het niet langer verplicht zijn om de procedure in het Belgisch Staatsblad te publiceren. Dit stelt de bemiddelaar in staat om de schuldeisers in volle discretie te ontmoeten en hen te overtuigen af te zien van een snelle terugbetaling van hun vorderingen alvorens een akkoord is bereikt. Ten slotte moedigt men de procedure voor gerechtelijke reorganisatie op basis van een minnelijke schikking aan, doordat deze procedure recht zal geven op een belastingvrijstelling die momenteel enkel geldt voor reorganisaties die bij gerechtelijk vonnis werden verkregen. De bepalingen met betrekking tot de eerste twee pijlers van de hervorming zouden initieel maar van kracht zijn tot en met 30 juni 2021, maar werden bij Koninklijk Besluit van 24 juni 2021 tot verlenging van de artikelen 2, 4 tot 12 van de wet van 21 maart 2021 tot wijziging van boek XX van het Wetboek van economisch recht en van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 verlengd tot 16 juli 2022.

Tussen de beide formele moratoria in, beslisten zowel de FOD Financiën als de RSZ om een feitelijk moratorium toe te passen. Beide instanties beslisten immers dat schulden bij de belastingdiensten of de sociale zekerheid tijdelijk geen aanleiding geeft tot een faillissement. Deze regeling blijft volgens minister van Justitie ook na 1 februari 2021 van kracht.

Daarnaast vinden in de maanden juli en augustus het gerechtelijk zomerreces plaats. De rechtbanken blijven gedurende deze periode open, maar het aantal hoorzittingen word verminderd. Daarom liggen de faillissementscijfers in deze periode lager.

Ten slotte gelden momenteel verschillende maatregelen - zowel op federaal, op gewestelijk als op lokaal niveau – om de ondernemingen te ondersteunen tijdens deze crisisperiode. De RSZ kent bijvoorbeeld minnelijke afbetalingsplannen toe met een maximale duur van 24 maanden voor de afbetaling van alle bijdragen en bedragen voor het jaar 2020. Op het niveau van de FOD Financiën zijn steunmaatregelen, zoals de fiscale vrijstelling van de vergoedingen die naar aanleiding van de Covid-19-pandemie door de gewesten, gemeenschappen, provincies of gemeenten zijn toegekend, van toepassing tot en met 31 december 2021.

Alle hierboven beschreven overheidsmaatregelen hebben een matigend effect op het aantal faillissementen uitgesproken sinds maart 2020.

Populatie

Ondernemingen onderworpen aan de wet van 11 augustus 2017 houdende invoeging van het Boek XX “Insolventie van ondernemingen”, in het Wetboek van economisch recht, en houdende invoeging van de definities eigen aan Boek XX en van de rechtshandhavingsbepalingen eigen aan Boek XX in het Boek I van het Wetboek van economisch recht, zoals verschenen in het Belgisch Staatsblad op 11 september 2017. Titel VI van Boek XX bevat de regeling van het faillissement.

Frequentie

Wekelijks

Timing publicatie

De wekelijkse faillissementscijfers zijn drie werkdagen na de referentieweek beschikbaar. Aangezien de referentieweek loopt van maandag tot en met zondag, publiceert Statbel iedere woensdag de faillissementen van de afgelopen week.

Definitie

Faillissement

Een faillissement wordt uitgesproken zodra een onderneming aan twee voorwaarden voldoet:

  • De onderneming is niet meer in staat om haar rekeningen te betalen;
  • De onderneming vindt geen nieuwe kredieten.

Een faillissement betreft steeds één bedrijf. Een juridische constructie waarbij meerdere personen eenzelfde onderneming hebben opgericht, wordt als één faillissement gerekend.

Banenverlies

Statbel berekent het banenverlies verbonden aan een faillissement op basis van de laatst beschikbare informatie bij de RSZ.

Referentieweek

Bij de opmaak van de wekelijkse faillissementscijfers maakt Statbel gebruik van een referentieweek. Deze referentieweek loopt steeds van maandag tot en met zondag. De jaarlijkse resultaten op basis van de referentieweek kunnen dus licht afwijken van de jaarcijfers, aangezien het kalenderjaar meestal niet op een maandag aanvangt.

Metadata