Geharmoniseerde consumptieprijsindex (HICP)

Geharmoniseerde consumptieprijsindex – juni 2020

Consumptieprijzen
Geharmoniseerde consumptieprijsindex – juni 2020
  • De Belgische inflatie volgens de Europees geharmoniseerde consumptieprijsindex (HICP) bedraagt in juni 0,2% ten opzichte van -0,2% in mei. De kerninflatie (inflatie zonder energie en onbewerkte levensmiddelen) bedraagt in juni 1,4%.
  • De inflatie volgens de consumptieprijsindex (CPI) voor de maand juni bedraagt 0,6% ten opzichte van 0,5% in mei.
  • De subindices met de grootste positieve impact op de inflatie zijn huur, fruit en restaurants en cafés.
  • De subindices die deze maand de grootste negatieve impact hebben op de inflatie zijn motorbrandstoffen, huisbrandolie en gas.
  • De huidige maatregelen met betrekking tot COVID-19 hebben een zeer kleine impact op de berekening van de index. Voor sectoren die volledig gesloten zijn of voor sectoren waar geen representatieve prijzen beschikbaar zijn, worden de prijzen verlengd, al dan niet met een seizoenscorrectie. Deze methodes zijn in overeenstemming met de methodologische aanbevelingen die Eurostat in samenspraak met de nationale bureaus voor de statistiek (Statbel in België) heeft opgesteld. Ze hebben als doel de globale inflatie zo weinig mogelijk te vertekenen.  Hier vindt u meer informatie.
  • Eurostat zal op 17 juli de geharmoniseerde consumptieprijsindex van juni voor de EU-landen publiceren.

 

hicp2020 -6a_nl

De inflatie volgens de Europees geharmoniseerde consumptieprijsindex (HICP)[1] bedraagt in juni 0,2% tegenover -0,2% in mei. De inflatie volgens de geharmoniseerde consumptieprijsindex met constante belastingvoet (HICP-CT)[2] bedraagt ook 0,2% in juni tegenover -0,2% in mei.

Inflatie en impact op de inflatie voor de 12 hoofdgroepen

Op basis van de opsplitsing in de 12 hoofdgroepen wordt de hoogste inflatie in juni gemeten voor “voeding en alcoholvrije dranken” (3,0%). De laagste inflatie wordt opgemeten voor de groep “huisvesting, water en energie” (-4,2%).

De hoofdgroep die in juni de grootste positieve impact heeft op de inflatie is “voeding en alcoholvrije dranken” met 0,5 procentpunt. De grootste negatieve impact op de inflatie wordt gerealiseerd door “huisvesting, water en energie” met -0,8 procentpunt.

Inflatie[3] en impact[4] op inflatie voor globale HICP en 12 hoofdgroepen

Productgroep Gewicht (‰) Inflatie op jaarbasis (%) Impact op de inflatie (procentpunt)
HICP HICP-CT
apr/20 mei/20 jun/20 jun/20 apr/20 mei/20 jun/20
0 Totaal bestedingen 1000.0 0.0 -0.2 0.2 0.2      
1 Voeding en alcoholvrije dranken 165.0 3.3 3.6 3.0 3.0 0.6 0.7 0.5
2 Alcoholhoudende dranken en tabak 49.7 3.3 3.2 1.8 1.9 0.2 0.2 0.1
3 Kleding en schoenen 53.2 0.1 0.2 0.2 0.2 0.0 0.0 0.0
4 Huisvesting, water en energie 162.8 -5.0 -5.8 -4.2 -4.2 -0.9 -1.0 -0.8
5 Stoffering en huishoudelijke apparaten 74.1 1.8 1.4 1.4 1.4 0.1 0.1 0.1
6 Gezondheid 81.5 0.7 0.6 0.6 0.6 0.1 0.1 0.0
7 Vervoer 123.6 -3.5 -4.3 -1.8 -1.8 -0.5 -0.6 -0.3
8 Communicatie 32.9 -2.6 -0.7 0.3 0.3 -0.1 0.0 0.0
9 Cultuur en vrije tijd 87.8 1.7 1.7 1.6 1.6 0.2 0.2 0.1
10 Onderwijs 5.0 1.5 1.5 1.5 1.5 0.0 0.0 0.0
11 Hotels, cafés en restaurants 80.7 1.5 1.4 0.9 0.9 0.1 0.1 0.1
12 Diverse goederen en diensten 83.7 1.6 1.3 1.7 1.7 0.1 0.1 0.1

 

Inflatie volgens specifieke aggregaten

De globale HICP kan opgesplitst worden in vijf specifieke aggregaten die samen de totale bestedingen vormen.

  • De inflatie voor energieproducten is gestegen na vier maanden van opeenvolgende dalingen. Ze bedraagt in juni -13,1%, tegenover -18,9% in mei en -16,8% in april. Ten opzichte van de voorgaande maand stegen de prijzen gemiddeld met 4,0%. De gemiddelde inflatie van dit aggregaat bedraagt -8,4% voor de laatste twaalf maanden.
  • De inflatie van bewerkte levensmiddelen is gedaald ten opzichte van de vorige maand. Ze bedraagt 1,8% in juni ten opzichte van 2,7% in mei en april.  De prijzen daalden gemiddeld met 0,3%  ten opzichte van mei.
  • De inflatie voor niet-bewerkte levensmiddelen (fruit, groenten, vlees en vis) is licht gedaald na zeven maanden van opeenvolgende stijgingen. Ze bedraagt 6,3% in juni ten opzichte van 6,4% in mei en 5,7% in april. Ten opzichte van mei daalden de prijzen gemiddeld met 0,4%. De gemiddelde inflatie van dit aggregaat bedraagt 1,6% voor de laatste twaalf maanden.
  • De inflatie voor niet-energetische industriële goederen bedraagt in juni en mei 0,9% ten opzichte van 1,0% in april. Ten opzichte van mei zijn de prijzen gemiddeld onveranderd gebleven.
  • Voor diensten (inclusief huur) bedraagt de inflatie 1,5% in juni ten opzichte van 1,6% in mei en april. Ten opzichte van de vorige maand stegen de prijzen gemiddeld met 0,3%.  

De kerninflatie (inflatie zonder energie en onbewerkte levensmiddelen) bedroeg in juni 1,4%, hiermee daalt ze licht ten opzichte van de 1,6% inflatie die gemeten werd in april en mei. De gemiddelde kerninflatie van de laatste 12 maanden is gelijk aan 1,6%. Ten opzichte van de vorige maand stegen de prijzen van dit subaggregaat met 0,1%.

Inflatie volgens specifieke aggregaten

Specifieke aggregaten Gewicht (‰) Inflatie op jaarbasis (%) 12-maandelijks gemiddelde (%) Maandelijkse wijziging
apr/20 mei/20 jun/20 jun/20 jun/20
Totaal bestedingen 1000.0 0.4 0.0 -0.2 0.7 -0.2
Energieproducten 97.4 -11.8 -16.8 -18.9 -7.4 -1.6
Bewerkte levensmiddelen 171.5 2.6 2.7 2.7 1.9 0.0
Niet-bewerkte levensmiddelen 43.2 2.8 5.7 6.4 1.1 0.3
Niet-energetische industriële goederen 267.2 1.0 1.0 0.9 1.0 0.1
Diensten 420.8 1.9 1.6 1.6 1.8 -0.2
HICP zonder energie en niet-bewerkte levensmiddelen (kerninflatie) 859.4 1.7 1.6 1.6 1.6 -0.1

Impact van de subindices op de inflatie

Huur had de grootste positieve impact op de inflatie met 0,19 procentpunt.  Fruit had een positieve impact van 0,14 procentpunt. Tot slot hadden restaurants en cafés een impact van 0,13 procentpunt.

Subindices met de grootste positieve impact op de inflatie

Subindex Gewicht (‰) Impact op de inflatie (procentpunt)
2020 jun/20
04.1.0 Huur 71.1 0.19
01.1.6 Fruit 10.8 0.14
11.1.1 Restaurants, cafés en gelijkaardige diensten 69.9 0.13

De negatieve impact op de inflatie was het grootst voor motorbrandstoffen en smeermiddelen met een impact van -0,39 procentpunt. Vloeibare brandstoffen hadden een negatieve impact van -0,38 procentpunt. Gas had tot slot een negatieve impact van -0,28 procentpunt.

Subindices met de grootste negatieve impact op de inflatie

Subindex Gewicht (‰) Impact op de inflatie (procentpunt)
2020 jun/20
07.2.2 Motorbrandstoffen en smeermiddelen 33.7 -0.39
04.5.3 Vloeibare brandstoffen 12.2 -0.38
04.5.2 Gas 16.1 -0.28

Vergelijking tussen België en de buurlanden

Aangezien de definitieve HICP voor onze buurlanden pas later wordt bekendgemaakt, kan er slechts een vergelijking gemaakt worden op basis van de eerste snelle inflatieraming van de HICP van juni.

In juni bedraagt de inflatie in België 0,2%. Ze stijgt daarmee ten opzichte van de -0,2% in mei. Nederland tekent een inflatie op van 1,7% in juni; ze stijgt daarmee ten opzichte van de 1,1% in mei. In juni bedraagt de inflatie in Frankrijk 0,1%, een daling ten opzichte van de 0,4% inflatie in mei. In Duitsland bedraagt de inflatie in juni 0,8%. Ze stijgt daarmee ten opzichte van de 0,5% inflatie in mei.

hicp2020 -6b_nl

Aangezien Eurostat de geharmoniseerde consumptieprijsindexcijfers met constante belastingvoet voor juni nog niet publiceerde, is mei de recentste maand om mee te kunnen vergelijken. De inflatie op basis van de HICP-CT bedraagt in België in mei -0,2%, ze daalt daarmee ten opzichte van de 0,0% in april. In Duitsland bedraagt deze inflatie in mei 0,5%, ze daalt daarmee ten opzichte van de inflatie in april toen deze 0,9% bedroeg. In Frankrijk bedraagt deze inflatie 0,2% in april en mei. In Nederland bedraagt deze inflatie in mei 1,1%, ze daalt daarmee licht ten opzichte van de 1,2% in april.

hicp2020 -6c_nl

 


[1]Naast de nationale consumptieprijsindex (CPI) berekent de Statbel ook een Europees geharmoniseerde consumptieprijsindex (Harmonized Index of Consumer Prices, HICP). De HICP maakt een vergelijking tussen de inflatiegraden van de lidstaten van de Europese Unie mogelijk. De toegepaste bestedingsoptiek en methoden zijn daartoe zo goed mogelijk gecoördineerd en in Europese regelgeving vastgelegd. De uitkomsten van de CPI en de HICP zijn niet gelijk. Dat komt vooral door een andere weging en samenstelling van het pakket goederen en diensten waarop deze indices zijn gebaseerd.

Tevens wordt de HICP gebruikt door de Europese Centrale Bank voor haar monetair beleid. Verder wordt de HICP gebruikt om te bepalen in hoeverre een lidstaat voldoet aan de inflatiecriteria bepaald in het Verdrag betreffende de Europese Unie.

Enkele verschilpunten tussen de HICP en de huidige CPI:

  • De weging van het pakket aan goederen en diensten in de HICP is hoofdzakelijk gebaseerd op de nationale rekeningen. Op de lagere gedetailleerde niveaus wordt gebruikt gemaakt van het huishoudbudgetonderzoek. De CPI gebruikt hoofdzakelijk het huishoudbudgetonderzoek op alle niveaus.
  • De referentiepopulatie van de HICP is privé huishoudens (incl. toeristen in België) en bewoners in institutionele huishoudens (o.a. rusthuizen en instellingen). Voor de CPI is dit momenteel privé huishoudens met een referentiepersoon onder een maximale leeftijd.
  • In de HICP wordt een binnenlands bestedingsconcept gehanteerd, dit zijn bestedingen gedaan in België door de referentiepopulatie. Voor de CPI wordt een nationaal bestedingsconcept gehanteerd, dit zijn bestedingen gedaan door de referentiepopulatie ongeacht de locatie.
  • Voor de HICP wordt geen seizoenscorrectie toegepast, voor de CPI wordt dit gedaan voor buitenlandse reizen en vakantiedorpen.
  • De solden worden in de CPI gespreid over telkens 6 maanden, in de HICP worden deze in de maand opgenomen.
  • Voor huisbrandolie wordt de huidige prijs gebruikt in de berekening van de HICP. In de berekening van de CPI wordt een gewogen 12-maandelijks gemiddelde gehanteerd.

[2]De HICP-CT wordt op dezelfde wijze berekend als de gewone HICP, echter worden in deze index de prijzen berekend op basis van constante belastingtarieven. Deze index geeft dan ook de theoretisch potentiële impact weer van wijzigingen in de indirecte belastingtarieven (zoals de BTW of accijnzen) op de gemeten inflatie. Het betreft hier echter een theoretische impact omdat verondersteld wordt dat de belastingwijzigingen meteen en volledig worden doorgerekend in de prijzen die door consumenten betaald worden.

[3]Inflatie op jaarbasis meet de prijswijziging tussen de huidige maand en de dezelfde maand van het voorgaande jaar. Een 12 maandelijks gemiddelde vergelijkt de gemiddelde HICP van de laatste 12 maanden met het gemiddelde van de voorgaande 12 maanden. Een maandelijkse wijziging vergelijkt de prijsniveaus van de laatste twee maanden.

[4]Een impact op inflatie toont de wijziging op inflatie door het opnemen van de subindex in de HICP. De impact neemt niet alleen het gewicht van de subindex in rekening, maar ook of de inflatie van de subindex hoger of lager is dan deze van het geheel aan bestedingen (globale HICP).

Tabel 1
Grafiek
Content
Tabel 2
Tabel 3
Tabel 4

Doel en korte beschrijving

De geharmoniseerde consumptieprijsindex (HICP) is een economische indicator die als doel heeft de prijsevolutie van goederen en diensten, gekocht door huishoudens, doorheen de tijd te meten. De HICP maakt dan ook een vergelijkbare meting van inflatie mogelijk in de eurozone, de EU, de Europese Economische Ruimte en voor alle andere landen inclusief kandidaat Lidstaten voor de Europese Unie. De HICP wordt berekend op een geharmoniseerde wijze en op basis van gemeenschappelijke concepten. De HICP is de officiële maatstaf van de inflatie in de eurozone om de Europese Centrale Bank in staat te stellen haar monetair beleid te voeren.

Populatie

Uiteindelijke gezinsuitgaven van gezinnen die op Belgisch grondgebied wonen.

Frequentie

Maandelijks.

Timing publicatie

Resultaten beschikbaar 15 dagen na de referentieperiode

Definities

Geharmoniseerde prijsindex (GICP) : Het geharmoniseerde indexcijfer van de consumptieprijzen (GICP) werd in 1997 opgericht om over een vergelijkbare meting van de inflatie tussen de deelnemende landen uit de toekomstige eurozone te beschikken. Sinds het begin van de euro is het GICP één van de belangrijkste meetinstrumenten van de Europese Centrale Bank (ECB) bij het voeren van haar monetaire beleid. De opgenomen prijzen zijn de prijzen zoals ze werkelijk door de consumenten worden gedragen inclusief bv. de belastingen op de producten, zoals de belasting op de toegevoegde waarde, en houden rekening met de koopjesperiodes.

Inflatie : Inflatie wordt gedefinieerd als de verhouding tussen de waarde van het indexcijfer van de consumptieprijzen van een gegeven maand en het indexcijfer van dezelfde maand het jaar voordien. De inflatie meet dus het tempo waarin het algemene niveau van de prijzen evolueert.

COICOP ; COICOP is een nomenclatuur ontwikkeld door de Verenigde Naties welke tot doel heeft om individuele consumptie uitgaven van gezinnen te classificeren volgens gebruiksdoel.

Geharmoniseerd indexcijfer met constante belastingvoeten : Het geharmoniseerd indexcijfer van de consumptieprijzen met constante belastingvoeten is afgeleid van de HICP en wordt berekend door het niveau van indirecte belastingen (hoofdzakelijk accijnzen en BTW) constant te houden ten opzichte van het niveau dat in december van het jaar voordien werd waargenomen. Dit indexcijfer laat toe het maximum effect op de inflatie te meten bij wijzigingen in de belastingen door te veronderstellen dat deze rechtstreeks en integraal worden doorberekend op de eindprijs die wordt betaald door de consumenten.

Weging : Gewicht in de korf van goederen en diensten bepaald door de resultaten van de nationale rekeningen (uitgaven optiek) en die van het huishoudbudgetonderzoek.

Inflatie met constante belastingvoeten : Inflatie wordt gedefinieerd als de verhouding tussen de waarde van het indexcijfer van de consumptieprijzen van een gegeven maand en het indexcijfer van dezelfde maand het jaar voordien. De inflatie meet dus het tempo waarin het algemene niveau van de prijzen evolueert.

Metadata