Werkgelegenheid en werkloosheid

Belgische werkgelegenheidsgraad stijgt naar 71%

Werk & Opleiding
Belgische werkgelegenheidsgraad stijgt naar 71%

Statbel, het Belgische statistiekbureau, publiceert vandaag de belangrijkste resultaten van de Enquête naar de Arbeidskrachten voor het tweede kwartaal van 2019:

  • 71% van de 20- tot en met 64-jarigen is aan het werk. Dit cijfer is het hoogste cijfer ooit in ons land. De werkgelegenheidsgraad stijgt op 1 jaar tijd met 2 procentpunt.
  • De werkgelegenheidsgraad stijgt sterk bij beide geslachten en bedraagt 75,1% bij mannen en 66,9% bij vrouwen.
  • De werkgelegenheidsgraad neemt het sterkst toe bij de 55-plussers. Het percentage werkende 55-64-jarigen bedraagt 52,3%.
  • De werkgelegenheidsgraad evolueert positief in de drie regio’s maar de verschillen tussen de regio’s blijven groot. In het tweede kwartaal van 2019 bedraagt de werkgelegenheidsgraad in Vlaanderen 76%, in Wallonië 65,2% en in Brussel 61,7%.
  • De werkloosheidsgraad van 15- tot en met 64-jarigen blijft verder dalen en komt op 5,4%, dit is het laagste niveau sinds het begin van de metingen in de jaren 80.
  • De werkloosheidsgraad van vrouwen stabiliseert op 5%, die van mannen daalt naar 5,7%.
  • De jeugdwerkloosheidsgraad daalt het sterkst en komt op 13,6% te liggen.
  • De werkloosheidsgraad daalt in de drie regio’s. De kloof tussen de werkloosheidsgraad van Vlaanderen enerzijds en Brussel en Wallonië anderzijds, wordt kleiner. In Vlaanderen is 3,3% van de beroepsbevolking werkloos, in Wallonië gaat het om 6,9% en in Brussel bedraagt het percentage 12,8%.

Werkgelegenheidsgraad van 20- tot en met 64-jarigen:

71% van de 20- tot en met 64-jarigen is aan het werk

In het tweede kwartaal van 2019 is 71% van de 20- tot en met 64-jarigen aan het werk. Dit cijfer lag nooit hoger in ons land. Ten opzichte van het vorige kwartaal gaat het om een toename met 1,2 procentpunt; ten opzichte van hetzelfde kwartaal vorig jaar stijgt het cijfer met 2 procentpunt (grafiek 1). Het doel in het kader van de EU2020-strategie is om tegen 2020 73,2% van de 20- tot en met 64-jarigen aan het werk te krijgen.

Grafiek 1: Werkgelegenheidsgraad 20-64-jarigen naar geslacht

Groei werkgelegenheidsgraad bij zowel vrouwen als mannen

De werkgelegenheidsgraad die vorig kwartaal nog afnam bij vrouwen en mannen, neemt in het tweede kwartaal sterk toe bij beide geslachten, zowel ten opzichte van vorig kwartaal als ten opzichte van het tweede kwartaal van 2018. In het tweede kwartaal van 2019 is 75,1% van de mannen en 66,9% van de vrouwen van 20 tot en met 64 jaar aan het werk (grafiek 1).

52,3% van de 55-plussers is aan het werk

De werkgelegenheidsgraad neemt bij de 20- tot en met 54-jarigen toe met 1,1 procentpunt (grafiek 2). Bij de groep van 55-64-jarigen bedraagt de groei 1,5 procentpunt. Ook in vergelijking met het tweede kwartaal van 2018 noteren we de sterkste toename van de werkgelegenheidsgraad bij de oudste leeftijdsgroep (+2,6 procentpunt). Momenteel is 76,4% van de 20- tot en met 54-jarigen aan het werk en 52,3% van de 55- tot en met 64-jarigen.  

Grafiek 2: Werkgelegenheidsgraad 20-64-jarigen naar leeftijdsgroep

Positieve evoluties werkgelegenheidsgraad in de drie regio’s

Bij vergelijking met het eerste kwartaal van 2019 noteren we de sterkste toename van de werkgelegenheidsgraad in Vlaanderen (+1,9 procentpunt). In Brussel neemt het percentage werkende 20-64-jarigen toe met 0,8 procentpunt en in Wallonië blijft de werkgelegenheidsgraad stabiel (grafiek 3). In vergelijking met het tweede kwartaal van 2018 neemt de werkgelegenheidsgraad het sterkst toe in Wallonië (+3,1 procentpunt), gevolgd door een toename met 1,5 procentpunt in Vlaanderen en 1,1 procentpunt in Brussel. In het tweede kwartaal van 2019 bedraagt de werkgelegenheidsgraad in Vlaanderen 76%, in Wallonië 65,2% en in Wallonië Brussel 61,7%.

Grafiek 3: Werkgelegenheidsgraad 20-64-jarigen naar regio

Werkloosheidsgraad 15- tot en met 64-jarigen:

Werkloosheidsgraad daalt naar 5,4%

De werkloosheidsgraad van 15- tot en met 64-jarigen, gemeten volgens de definities van het Internationaal Arbeidsbureau (zie definities onder ‘Metadata’), daalt van 5,7% in het eerste kwartaal van 2019 naar 5,4% in het tweede kwartaal van 2019. Ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder gaat dit om een daling met 0,7 procentpunt (grafiek 4). De Belgische IAB-werkloosheidsgraad van 15- tot en met 64-jarigen komt met een percentage van 5,4% op zijn laagste niveau te liggen sinds de eerste metingen in de jaren 80.

Grafiek 4: Werkloosheidsgraad 15-64-jarigen naar geslacht

Werkloosheidsgraad daalt bij mannen en stabiliseert bij vrouwen

Sinds het derde kwartaal van 2017 ligt de werkloosheidsgraad van vrouwen onder het niveau van de mannen. Aangezien de werkloosheidsgraad van vrouwen in het tweede kwartaal van 2019 stabiel blijft op 5% en de werkloosheidsgraad van mannen daalt van 6,3% in het eerste kwartaal van 2019 naar 5,7% in het tweede kwartaal van 2019, wordt de kloof tussen de werkloosheidsgraad van mannen en vrouwen kleiner (grafiek 4).

Jeugdwerkloosheidsgraad daalt het sterkst en bedraagt 13,6%

De werkloosheidsgraad daalt bij alle leeftijdsgroepen maar het sterkst bij de jongeren waar het percentage werklozen in de beroepsbevolking tussen het eerste en tweede kwartaal van 2019 afneemt met 2,1 procentpunt (grafiek 5). In vergelijking met het tweede kwartaal van 2018 noteren we een daling met 4,4 procentpunt. In het tweede kwartaal van 2019 bedraagt de werkloosheidsgraad van 15-24-jarigen 13,6%, van 25-49-jarigen 5,1% en van 50-plussers 3,8%.  

Grafiek 5: Werkloosheidsgraad 15-64-jarigen per kwartaal naar leeftijdsgroep

Sterkste daling van de werkloosheidsgraad in Wallonië sinds het tweede kwartaal van 2018

De werkloosheidsgraad daalt in de drie regio’s. In vergelijking met het eerste kwartaal van 2019 neemt de werkloosheidsgraad het meest af in Brussel (-0,9 procentpunt). Ten opzichte van vorig jaar daalt de werkloosheidsgraad het sterkst in Wallonië (grafiek 6). De kloof tussen de reeds heel lage Vlaamse werkloosheidsgraad enerzijds en de Brusselse en vooral Waalse werkloosheidsgraad anderzijds wordt kleiner. In Vlaanderen is 3,3% van de beroepsbevolking werkloos. In Wallonië gaat het om 6,9% en in Brussel bedraagt het percentage 12,8%.

Grafiek 6: Werkloosheidsgraad 15-64-jarigen per kwartaal naar regio

Methodologische noot

De gerapporteerde cijfers vormen schattingen op basis van een steekproefenquête. Ze is gebaseerd op een effectieve steekproef van bijna 31.000 personen (respondenten) op actieve leeftijd (15 jaar en ouder) in het tweede kwartaal van 2019. Het gaat om ongeveer 15.000 respondenten in Vlaanderen, 12.000 in Wallonië en 3900 in Brussel.

Ondanks de grote steekproef waarop de cijfers gebaseerd zijn, moet men (zoals bij alle resultaten op basis van een steekproef) rekening houden met een bepaalde onzekerheidsmarge rondom de geschatte cijfers. Om de leesbaarheid te verhogen wordt niet steeds verwezen naar het al dan niet significant zijn van bepaalde evoluties. Toch dient men er rekening mee te houden dat kleine evoluties van kwartaal op kwartaal meestal niet significant zijn. Daarom bevelen we aan de trends eerder te evalueren over meerdere kwartalen heen, vanuit de redenering dat bepaalde toevallige steekproeffluctuaties op die manier minder zichtbaar zijn.

Bijlage: kerncijfers over de arbeidsmarkt

Kernindicatoren over de arbeidsmarkt T2 2019

België Percentage tweede kwartaal 2019 Evolutie tov het eerste kwartaal van 2019 in procentpunt Evolutie tov het tweede kwartaal van 2018 in procentpunt
Werkgelegenheidsgraad 20-64-jarigen Totaal 71,0% +1,2 +2,0
Mannen 75,1% +1,3 +1,5
Vrouwen 66,9% +1,1 +2,5
Werkgelegenheidsgraad 55-64-jarigen Totaal 52,3% +1,5 +2,6
Mannen 57,6% +2,1 +2,8
Vrouwen 47,1% +0,9 +2,3
Werkloosheidsgraad 15-64-jarigen Totaal 5,4% -0,3 -0,7
Mannen 5,7% -0,6 -0,6
Vrouwen 5,0% 0,0 +0,9
Werkloosheidsgraad 15-24-jarigen Totaal 13,6% -2,1 -4,4
Mannen 15,3% -3,4 +2,8
Vrouwen 11,8% -0,3 -6,0
Brussels Hoofdstedelijk Gewest Percentage tweede kwartaal 2019 Evolutie tov het eerste kwartaal van 2019 in procentpunt Evolutie tov het tweede kwartaal van 2018 in procentpunt
Werkgelegenheidsgraad 20-64-jarigen Totaal 61,7% +0,8 +1,1
Mannen 67,3% -0,3 +1,7
Vrouwen 56,1% +2,0 +0,6
Werkloosheidsgraad 15-64-jarigen Totaal 12,8% -0,9 -0,2
Mannen 13,5% -0,3 -0,6
Vrouwen 11,9% -1,7 +0,1
Vlaams Gewest Percentage tweede kwartaal 2019 Evolutie tov het eerste kwartaal van 2019 in procentpunt Evolutie tov het tweede kwartaal van 2018 in procentpunt
Werkgelegenheidsgraad 20-64-jarigen Totaal 76,0% +1,9 +1,5
Mannen 79,7% +1,8 +1,4
Vrouwen 72,2% +1,9 +1,6
Werkloosheidsgraad 15-64-jarigen Totaal 3,3% -0,1 -0,2
Mannen 3,2% -0,5 -0,5
Vrouwen 3,4% +0,2 +0,1
Waals Gewest Percentage tweede kwartaal 2019 Evolutie tov het eerste kwartaal van 2019 in procentpunt Evolutie tov het tweede kwartaal van 2018 in procentpunt
Werkgelegenheidsgraad 20-64-jarigen Totaal 65,2% +0,1 +3,1
Mannen 69,3% +0,9 +1,6
Vrouwen 61,1% -0,7 +4,6
Werkloosheidsgraad 15-64-jarigen Totaal 6,9% -0,5 -2,2
Mannen 7,8% -0,9 -1,1
Vrouwen 6,0% +0,2 -3,3
Overzicht
Content
Tabel 1

Enquête naar de arbeidskrachten (EAK)

Doel en korte beschrijving

De steekproefenquête naar de arbeidskrachten is een enquête bij particuliere huishoudens, die over het hele jaar wordt gehouden. Ze is gebaseerd op de antwoorden van bijna 123.000 personen (respondenten) op actieve leeftijd (15 jaar en ouder).

Haar voornaamste doelstelling is de populatie op actieve leeftijd (vanaf 15 jaar) op te delen in drie groepen (nl. werkende personen, werklozen en niet-actieve personen), en over elk van deze categorieën beschrijvende en verklarende gegevens te verstrekken. Deze enquête wordt ook in de andere EU-lidstaten uitgevoerd en wordt gecoördineerd door de statistische dienst van de Europese Unie, EUROSTAT. In België wordt de EAK georganiseerd door Statbel (Algemene Directie Statistiek - Statistics Belgium). De bedoeling is informatie te vergaren die op Europees vlak vergelijkbaar is, o.m. inzake werkgelegenheids- en werkloosheidscijfers overeenkomstig de definities van het Internationaal Arbeidsbureau (IAB), en daarnaast gegevens te verzamelen en te verspreiden die elders niet verkregen kunnen worden. Voorbeelden hiervan zijn mobiliteit van de werknemers, motivatie voor deeltijds werken, de verschillende vormen van tijdelijke arbeid, beroep, onderwijsniveau van de bevolking op beroepsactieve leeftijd,…

Populatie

Leden van privé-huishoudens van 15 jaar oud of meer

Basis van de steekproef

Demografische gegevens van het Rijksregister

Dataverzamelingsmethode en eventuele steekproefomvang

De informatie wordt voor de eerste bevraging verzameld via face to face interviews. Sinds 2017 volgen daarna nog drie kortere opvolgbevragingen die via het web of telefonisch gebeuren.

Gezinnen die uitsluitend bestaan uit inactieve personen ouder dan 64 jaar mogen ook telefonisch worden bevraagd.

Jaarlijks worden in België ongeveer 47.000 huishoudens aangeschreven om aan deze enquête deel te nemen.

Respons

De respons bedraagt + 75%.

Frequentie

Driemaandelijks.

Timing publicatie

Resultaten beschikbaar +/- 3 maanden na de referentieperiode

Formulieren

Definities

De enquête is geharmoniseerd op Europees niveau. De definities over werkgelegenheid en werkloosheid die worden gehanteerd zijn die van het Internationaal Arbeidsbureau (IAB), waardoor een vergelijkbaarheid van de resultaten op internationaal vlak wordt gewaarborgd.

  • Personen met een betrekking (werkende personen) zijn personen die gedurende de referentieweek minstens één uur werk verrichtten voor loon of salaris of voor winst, of die een baan hadden maar tijdelijk afwezig waren. Daar worden ook de meewerkende familieleden meegerekend.
  • Werklozen zijn alle personen die:

(a) tijdens de referentieweek geen werk hadden, d.w.z. niet in loondienst of als zelfstandige werkten;

(b) voor werk beschikbaar waren, d.w.z. voor werk in loondienst of als zelfstandige beschikbaar waren binnen twee weken na de referentieweek;

(c) actief werk zochten, d.w.z. gedurende de laatste vier weken met inbegrip van de referentieweek gerichte stappen hadden ondernomen om werk in loondienst of als zelfstandige te zoeken, of die werk hadden gevonden en binnen ten hoogste drie maanden zouden beginnen te werken.

Opgelet! De IAB‐werkloosheidscijfers staan los van een eventuele inschrijving bij VDAB, Actiris, FOREM of ADG, evenals van het ontvangen van een uitkering van de RVA, en zijn dus niet vergelijkbaar met de administratieve werkloosheidscijfers.

  • De beroepsbevolking is samengesteld uit de werkloze en de werkende bevolking.
  • Niet‐actieven zijn alle personen die niet beschouwd worden als personen met een betrekking of als werklozen.

 

  • De werkgelegenheidsgraad geeft het percentage werkende personen in een bepaalde leeftijdsgroep weer. 
  • De werkgelegenheidsgraad in het kader van de Europa 2020‐strategie geeft het percentage werkende personen in de bevolking van 20 tot 64 jaar weer. 
  • De werkloosheidsgraad geeft het percentage werklozen in de beroepsbevolking (werkende personen + werklozen) binnen een bepaalde leeftijdsgroep weer.
  • De activiteitsgraad geeft het percentage beroepsbevolking (werkende personen + werklozen) in de totale bevolking binnen een bepaalde leeftijdsgroep weer.

 

Bovenstaande indicatoren (werkgelegenheidsgraad, werkloosheidsgraad en activiteitsgraad) zijn de belangrijkste indicatoren om de arbeidsmarktevolutie op internationaal niveau te vergelijken.

Metadata

Methodologie enquêtes

Wetgeving