Omzet en investeringen

Omzet ondernemingen daalde met 4,5% in het derde kwartaal van 2023

Ondernemingen
Omzet ondernemingen daalde met 4,5% in het derde kwartaal van 2023

De omzet van de Belgische ondernemingen – met uitzondering van de landbouw en de financiële sector – bedroeg in het derde kwartaal van 2023 387,4 miljard euro, een daling van 4,5% ten opzichte van dezelfde periode van een jaar daarvoor.

Deze daling wordt veroorzaakt door een afname van de omzet in de handel, de industrie, de energiesector (sectie D ), in vervoer en opslag en, in mindere mate (het gaat hier om een zeer kleine sector), de winning van delfstoffen. Die 5 sectoren hebben samen een aandeel van 78% in de totale omzet van de Belgische ondernemingen.

In alle andere economische sectoren noteren we nog omzetstijgingen in het derde kwartaal van 2023 ten opzichte van dezelfde periode van 2022. De grootste omzetstijgingen doen zich voor in de sectoren “Administratieve en ondersteunende diensten”, “Kunst, amusement en recreatie” en de horeca, sectoren die in het derde kwartaal van 2022 nog terug aan het opstarten waren nadat de inperkende maatregelen t.g.v. de Covid-19-crisis waren opgeheven.

De resultaten voor het derde kwartaal van 2023 zijn voorlopig. Deze resultaten kunnen herzien worden wanneer bijkomende gegevens beschikbaar komen.

Doel en korte beschrijving

De omzet omvat alle bedragen (exclusief BTW) die overeenkomen met de verkoop door de BTW-plichtige van goederen en diensten aan derden in België of in het buitenland. Investeringen zijn de uitgaven (exclusief BTW) door de BTW-plichtige voor de verwerving van goederen en diensten die een bedrijfsmiddel uitmaken.

Populatie

BTW-plichtigen, exclusief volgende Nace-codes (nomenclatuur Nace 2008): A, 50.3 en 50.4, K, L, 69.1, 0, P, Q, 91, 92, 94, T en U.

Frequentie

Driemaandelijks.

Timing publicatie

Resultaten beschikbaar 2 maanden na de referentieperiode.

Definities

Investeringen zijn de uitgaven (exclusief BTW) door de BTW-plichtige voor de verwerving van goederen en diensten die een bedrijfsmiddel uitmaken. Het gaat dus om oprichtingskosten, immateriële vaste activa, terreinen en gebouwen, installaties, machines en uitrusting, meubilair en rollend materieel, vaste activa in leasing en overige vaste activa. De lonen van het personeel (dat b.v. zou worden ingezet om een gebouw op te trekken of te verbouwen) en andere sociale lasten en de aankopen van andere diensten, werk en studies (b.v. ereloon architect) behoren dus niet tot de investeringen.

De omzet omvat alle bedragen (exclusief BTW) die overeenkomen met de verkoop door de BTW-plichtige van goederen en diensten aan derden in België of in het buitenland. Bovendien omvat de omzet alle andere kosten (vervoer, verpakking enz.) die aan de klant worden doorberekend, ook al worden ze apart in rekening gebracht. Kortingen, rabatten en disconto's moeten in mindering worden gebracht, evenals de waarde van teruggekomen producten (via creditnota’s). Inkomen dat als overige bedrijfsopbrengsten, financieel inkomen of uitzonderlijke opbrengsten in de bedrijfsrekeningen voorkomt, wordt niet tot de omzet gerekend.

Opmerkingen

Door laattijdige en/of afwijkende BTW-aangiften dienen de gegevens van de laatste 2 jaar als voorlopig te worden beschouwd en kunnen ze herzien worden.

Metadata

Omzet en investeringen volgens de btw-aangiften (absolute cijfers).pdf