ICT-gebruik in huishoudens

E-government en e-commerce in de lift in België

Huishoudens
E-government en e-commerce in de lift in België

E-government

De COVID-19-crisis heeft er voor gezorgd dat de digitale uitwisseling van gegevens met de overheid sterk is toegenomen; 52% van de bevolking heeft het voorbije jaar online formulieren ingevuld en verzonden, 12% meer dan in 2019 voor de crisis.

Toch heeft 48% van de volwassen bevolking nog steeds geen digitaal contact met diensten van de overheid.
Het probleem situeert zich daarbij niet zozeer aan de aanbodzijde: slechts 4% geeft aan dat er geen mogelijkheid was om de informatie online te bekomen of te leveren.
Gebrek aan persoonlijk contact (18%), gebrek aan vaardigheden (16%) en meer vertrouwen in papieren formulieren (15%) zijn de meest aangehaalde redenen om geen gebruik te maken van e-government. 

De meest actieve gebruikers van e-government zijn de jongvolwassenen (25-34 jaar) en hoogopgeleiden: respectievelijk 71% en 69% had online contact met de overheid.

Ouderen van 65 tot 74 jaar (29%) en laaggeschoolden (27%) maken veel minder gebruik van deze online diensten.

Slechts 7% van de personen die thuis niet over internet beschikken, zoeken specifiek voor e-government buitenshuis een oplossing.

Formulieren invullen en versturen via websites van de overheid (bv. via Tax-on-web, webenquêtes …), maar niet via e-mail

Percentage inwoners van België tussen 16 en 74 jaar
Totaal 51,6%
Brussel 55,6%
Vlaanderen 53,8%
Wallonië 46,3%
Vrouwen 48,7%
Mannen 54,5%
16-24 jaar 39,8%
25-34 jaar 70,8%
35-44 jaar 63,9%
45-54 jaar 54,7%
55-64 jaar 44,5%
65-74 jaar 28,7%
Laag opleidingsniveau 27,4%
Gemiddeld opleidingsniveau 48,1%
Hoog opleidingsniveau 69,3%
Vrouwen 16-24 jaar 42,9%
Vrouwen 25-54 jaar 59,4%
Vrouwen 55-74 jaar 34,0%
Mannen 16-24 jaar 36,5%
Mannen 25-54 jaar 66,6%
Mannen 55-74 jaar 41,4%
Laagopgeleide vrouwen 24,9%
Gemiddeld opgeleide vrouwen 43,9%
Hoogopgeleide vrouwen 65,6%
Laagopgeleide mannen 29,8%
Gemiddeld opgeleide mannen 51,8%
Hoogopgeleide mannen 73,7%
Student 36,4%
Werkend 63,3%
Loontrekkend 64,0%
Zelfstandig 61,2%
Werkloos 51,6%
Inactief 33,9%
Gepensioneerd 34,1%
Ander inactief 33,7%
inkomen gezin kwintiel 1 34,6%
inkomen gezin kwintiel 2 44,0%
inkomen gezin kwintiel 3 49,1%
inkomen gezin kwintiel 4 63,7%
inkomen gezin kwintiel 5 61,5%

E-commerce

66 % van de Belgen (16-74 jaar) heeft het afgelopen jaar online aankopen verricht, een stijging van 11% ten opzicht van 2019, voor de COVID-19-crisis. Ook de bestede bedragen en de frequentie van de aankopen stijgen flink.

Kleding is het populairste product in e-commerce, ruim twee derde van de ondervraagde shoppers gaf aan het voorbije kwartaal online kleding, schoenen en/of accessoires gekocht te hebben, bij vrouwen stijgt dit tot 75%.

Bestedingspatroon online shopper
Kleding, schoenen of accessoires 67,5%
Levering van maaltijden 36,5%
Downloaden of streamen van films of series 33,4%
Downloaden of streamen van muziek 27,7%
Cosmetica, schoonheids- of wellness producten 24,5%
Meubels, huisaccessoires of tuinartikelen 24,4%
Medicijnen of voedingssupplementen 21,8%
Computers, tablets, smartphones, gsm’s of accessoires 21,7%
Boeken, magazines of kranten (papier) 20,9%
Sportartikelen 19,9%

Er zijn niet alleen meer Belgen die online kopen, ze doen het ook vaker. 15% van de shoppers kocht in de voorbije drie maanden meer dan tien maal goederen of diensten, in 2019 was dit nog maar 10%.

Er worden daarbij ook grotere bedragen besteed, 28% van de ondervraagden geeft aan op kwartaalbasis 500 euro of meer online uitgegeven te hebben, tegenover 19% in 2019.

Opvallend is dat mannen gemiddeld meer spenderen, 17% van hen meer dan 1000 euro. Bij vrouwen is dit 10%.

Gezinnen zonder internet

8% van de gezinnen heeft geen internetaansluiting. Dit percentage ligt hoger in Wallonië (11%) dan in Brussel en Vlaanderen (7%).

De bevolkingsgroepen met het laagste percentage internetaansluitingen zijn de huishoudens met inkomens in het laagste kwintiel (76%) en de alleenstaanden (83%).

Huishoudens met schoolgaande kinderen hebben een internetaansluitingsgraad van 99%; in 2016 had nog 4% van deze gezinnen thuis geen internet.

Meer gedetailleerde cijfers vindt u op de website van Statbel: https://statbel.fgov.be/nl/themas/huishoudens/ict-gebruik-huishoudens

Methodologische verduidelijking

E-government: Formulieren invullen en versturen via websites van de overheid (bv. via Tax-on-web, webenquêtes, …)

Kwintiel : De eerste kwintielgroep vertegenwoordigt 20% van de bevolking met het laagste inkomen en de vijfde kwintielgroep vertegenwoordigt de 20% van de bevolking met het hoogste inkomen.

online aankopen: online aankopen verricht in de drie maanden voorafgaand aan het onderzoek

gezinnen: gezinnen met minstens één persoon in de leeftijdsklasse van 16 tot 74 jaar

Doel en korte beschrijving

Het doel van de gegevensverzameling bij huishoudens en individuen is het opstellen van internationale vergelijkbare statistieken van nationale indicatoren rond de digitale kloof.

De enquête wordt bovendien gesubsidieerd door Eurostat, het Europees Bureau voor de Statistiek.

Onderzoeksveld

De enquête naar het ICT-gebruik bij huishoudens en individuen is als een speciale module 'ICT en Internet' gekoppeld aan de arbeidskrachtenenquête. Een willekeurig aangeduide persoon in het huishouden beantwoordt alle vragen, zowel uit het deel over de situatie in het huishouden als uit het deel over de situatie van de persoon in kwestie.

Dataverzamelingsmethode en eventuele steekproefomvang

Dataverzamelingsmethode

Voor de ICT-enquête bij huishoudens en individuen zijn er sinds 2009 twee methodes van gegevensverzameling: via een webapplicatie, en via een papieren formulier. Na het afnemen van de EAK-enquête bepaalt de enquêteur op basis van de verjaardagen welk gezinslid de vragen over het ICT-gebruik moet beantwoorden. De enquêteur overhandigt een papieren formulier met retouromslag en een document met instructies en toegangscodes voor de webapplicatie. Twee à drie weken na het bezoek van de enquêteur ontvangen huishoudens die nog niet geantwoord hebben een herinneringsbrief. Voor 2009 bevroeg de enquêteur de huishoudens mondeling aansluitend op de EAK-enquête.

Steekproeftrekking

De steekproef van de ICT-enquête bij huishoudens en individuen is gekoppeld aan de EAK-enquête. Alle huishoudens die deelnemen aan de EAK-enquêtes worden uitgenodigd om de vragen over het ICT-gebruik te beantwoorden.

Respons

De respons voor de ICT-enquête bedraagt 67% ten opzichte van de huishoudens die hebben deelgenomen aan de EAK enquête. Ten opzichte van de initiële brutosteekproef bedraagt de respons 45%.

Frequentie

De ICT-enquête wordt om het jaar georganiseerd.

Timing publicatie

De gegevens moeten tegen begin oktober naar Eurostat worden doorgestuurd. Voor het publiek zijn resultaten beschikbaar op het einde van het jaar.

Vragenlijst

Metadata