Verkeersongevallen

7% meer doden op de weg in 2019

Mobiliteit
7% meer doden op de weg in 2019

Verkeersongevallen en slachtoffers in 2019

In 2019 waren er 37.699 verkeersongevallen met in totaal 47.793 slachtoffers, waaronder 43.547 lichtgewonden, 3.600 zwaargewonden en 646 personen die om het leven kwamen binnen de 30 dagen na het ongeval. Dit blijkt uit de laatste cijfers over de verkeersongevallen die Statbel, het Belgische statistiekbureau, publiceert.

Ten opzichte van 2018 betekent dit een daling van het aantal ongevallen (-2,0%), van het aantal lichtgewonden (-3,5%) en van het aantal zwaargewonden (-1,0%).

Het aantal doden binnen de 30 dagen na het ongeval is echter met 7% gestegen. De stijging wordt volledig verklaard door de stijging van het aantal doden ter plaatse van 437 in 2018 tot 483 in 2019 (+10,5%).

België 2018* 2019 2018/2019
Aantal ongevallen 38.453 37.699 -2,0%
Aantal slachtoffers 49.357 47.793 -3,2%
Aantal doden 30 dagen 604 646 +7,0%
   waarvan doden ter plaatse 437 483 +10,5%
Aantal zwaargewonden 3.637 3.600 -1,0%
Aantal lichtgewonden 45.116 43.547 -3,5%
* Gereviseerde cijfers

Aantal verkeersongevallen en slachtoffers per gewest en per provincie

Onderstaande tabellen geven de evolutie weer van het aantal verkeersongevallen en slachtoffers per gewest.

Het aantal ongevallen daalt in Vlaanderen (-2,7%) en in Wallonië (-1,9%), maar stijgt in Brussel (+2,4%).

Vlaanderen en Wallonië kennen een daling van het aantal slachtoffers met respectievelijk 3,8% en 3,2%. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is er echter een stijging met 1,4%.

Het aantal doden binnen de 30 dagen na het ongeval is met 4,8% gedaald in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. In het Vlaams Gewest is deze indicator met 1,6% gestegen, van 310 doden binnen de 30 dagen in 2018 naar 315 in 2019. In Wallonië waren er 311 doden binnen de 30 dagen in 2019 tegenover 273 in 2018, of een stijging met 13,9%.

Het aantal zwaargewonden daalt met 2,1% in Vlaanderen, maar stijgt met respectievelijk 0,6% en 1,7% in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en in Wallonië. Vlaanderen en Wallonië lieten een daling van het aantal lichtgewonden met respectievelijk 4,1% en 3,9% optekenen, terwijl dit cijfer stijgt in Brussel (+1,5%).

Brussels Hoofdstedelijk Gewest 2018* 2019 2018/2019
Aantal ongevallen 3.833 3.924 +2,4%
Aantal slachtoffers 4.531 4.595 +1,4%
Aantal doden 30 dagen 21 20 -4,8%
   waarvan doden ter plaatse 15 19 +26,7%
Aantal zwaargewonden 176 177 +0,6%
Aantal lichtgewonden 4.334 4.398 +1,5%
* Gereviseerde cijfers
Vlaams Gewest 2018* 2019 2018/2019
Aantal ongevallen 23.711 23.068 -2,7%
Aantal slachtoffers 30.209 29.047 -3,8%
Aantal doden 30 dagen 310 315 +1,6%
   waarvan doden ter plaatse 211 220 +4,3%
Aantal zwaargewonden 2.527 2.473 -2,1%
Aantal lichtgewonden 27.372 26.259 -4,1%
* Gereviseerde cijfers
Waals Gewest 2018* 2019 2018/2019
Aantal ongevallen 10.909 10.707 -1,9%
Aantal slachtoffers 14.617 14.151 -3,2%
Aantal doden 30 dagen 273 311 +13,9%
   waarvan doden ter plaatse 211 244 +15,6%
Aantal zwaargewonden 934 950 +1,7%
Aantal lichtgewonden 13.410 12.890 -3,9%
* Gereviseerde cijfers

In 2019 zijn de provincies met het grootste aantal doden binnen de 30 dagen: Henegouwen (115), Antwerpen (78), Luik (77) en Oost-Vlaanderen (70). In de provincies Waals-Brabant (20), Luxemburg (49) en Namen (50) is het aantal doden binnen de 30 dagen het laagst.

Graf_acc_2019_1_nl

Een dode op vijf is tussen 20 en 29 jaar oud

In 2019 was 1 dodelijk slachtoffer op 5 een jongere tussen 20 en 29 jaar. Het aantal doden 30 dagen in die leeftijdscategorie steeg met 17,9% in een jaar. Dit aantal stijgt ook in de andere twee meest getroffen leeftijdscategorieën: 95 doden 30 dagen bij de 50- tot 59-jarigen (+11,8%) en 84 bij de 40- tot 49-jarigen (+13,5%).

Graf_acc_2019_2_nl

Tegelijkertijd blijft het aantal doden bij de jongsten dalen.

  2005 2010 2015 2018 2019 2019/2005 2019/2018
van 0 tot 9 jaar 25 20 12 8 3 -88,0% -62,5%
van 10 tot 19 jaar 101 64 43 26 39 -61,4% +50,0%
van 20 tot 29 jaar 264 225 159 106 125 -52,7% +17,9%
van 30 tot 39 jaar 197 151 107 90 81 -58,9% -10,0%
van 40 tot 49 jaar 169 106 92 74 84 -50,3% +13,5%
van 50 tot 59 jaar 116 92 106 85 95 -18,1% +11,8%
van 60 tot 69 jaar 87 65 86 76 76 -12,6% 0,0%
van 70 tot 79 jaar 90 71 70 64 61 -32,2% -4,7%
80 jaar en ouder 58 50 80 66 70 +20,7% +6,1%
leeftijd onbekend 24 6 7 9 12 -50,0% +33,3%

Wie wordt het slachtoffer van een verkeersongeval?

In 2019 waren de meeste dodelijke slachtoffers binnen de 30 dagen automobilisten (309). Ze worden gevolgd door fietsers (95), voetgangers (92) en motorrijders (84). De som van die 4 categorieën levert een totaal op van 90% van de verkeersdoden 30 dagen.

Graf_acc_2019_3_nl

In vergelijking met 2018 was er bij de categorie personenwagens een daling van 12,4% van het aantal doden binnen de 30 dagen (van 275 in 2018 naar 309 in 2019).

Het aantal doden binnen de 30 dagen is nog sterker gestegen bij voetgangers (+24,3%) van 74 doden binnen de 30 dagen in 2018 tot 92 in 2019.

In 2019 stierven in totaal 95 fietsers tegenover 89 in 2018, d.i. een stijging van 6,7%.

Ten slotte zijn er 3,4% minder motorrijders (motoren van meer dan 400cc en minder dan 400cc) gestorven binnen de 30 dagen.

  2005 2010 2015 2018 2019 2019/2005 2019/2018
Personenwagen (1) 627 451 376 275 309 -50,7% +12,4%
Bestelwagen 43 39 37 30 17 -60,5% -43,3%
Vrachtwagen (2) 17 14 16 19 11 -35,3% -42,1%
Motorfiets (3) 124 103 105 87 84 -32,3% -3,4%
Bromfiets (4) 33 23 20 18 19 -42,4% +5,6%
Voetganger (5) 109 108 94 74 92 -15,6% +24,3%
Fiets (6) 76 73 90 89 95 +25,0% +6,7%
Andere (7) 9 6 14 10 10 +11,1% 0,0%
Onbekend 93 33 9 2 9 -90,3% +350,0%
Totaal 1.131 850 762 604 646 -42,9% +7,0%
1 personenauto; auto voor dubbel gebruik; minibus; kampeerwagen
2 vrachtwagen; trekker + aanhangwagen; trekker alleen.
3 boven of onder 400cc
4 A, B, 3 of 4 wielen
5 Andere voetganger; rolstoelgebruiker; persoon met tweewieler aan de hand
6 Gewone fiets; elektrofiets; fiets met hulpmotor, pedelec
7 Landbouwtractor; autobus; reisbus; ruiter; andere weggebruiker; bespannen voertuig

Doel en korte beschrijving

Sinds 1 juli 1926 maakt de Algemene Directie Statistiek – Statistics Belgium de statistiek van de verkeersongevallen op. Daarvoor baseert ze zich op een formulier dat door de politie ingevuld dient te worden bij elk ongeval met lichamelijk letsel op de openbare weg. In de loop van de tijd is het formulier verscheidene malen aangepast in functie van de evolutie van de maatschappij en verkeer.

Populatie

Verkeersongevallen met lichamelijke letsels in België die voorwerp uitmaken van een proces-verbaal van de politie.

Dataverzamelingsmethode en eventuele steekproefomvang

Administratieve gegevens: Onderzoeken van de politie op het terrein en enquête van het parket.

Frequentie

Jaarlijks.

Timing publicatie

Resultaten beschikbaar 6 maanden na de referentieperiode.

Definities

Verkeersongeval: een ongeval waarbij twee of meer weggebruikers betrokken zijn wordt beschouwd als één verkeersongeval. Enkel de verkeersongevallen die zich voordeden op de openbare weg en waarbij doden of gewonden vielen worden opgenomen in deze statistiek. Zijn dus niet opgenomen: botsingen en ongevallen op privéterrein of bij sportwedstrijden. Ongevallen met uitsluitend materiële schade worden sinds 1973 niet meer opgenomen.

Dode 30 dagen: Elke persoon die overleed ter plaatse of binnen 30 dagen na de datum van het ongeval.

Zwaargewonde: elke persoon die in een verkeersongeval gewond is geraakt en wiens toestand een opname van meer dan 24 uur in het ziekenhuis vereist.

Licht gewonde: elke persoon die in een verkeersongeval gewond is geraakt en op wie de hoedanigheid van ‘zwaargewonde’ of van ‘dodelijk gewonde’ niet van toepassing is.

Personenwagen: personenauto; auto voor dubbel gebruik; minibus; kampeerwagen.

Lichte vrachtwagen: lichte vrachtauto.

Vrachtwagen: vrachtwagen; trekker + aanhangwagen; trekker alleen.

Bus: autobus ; autocar.

Bromfiets: bromfiets A (tweewielig); bromfiets B (tweewielig); bromfiets met 3 of 4 wielen.

Motorfiets: motorfiets niet meer dan 400 cc; motorfiets meer dan 400 cc.

Fiets: fiets

Voetganger: gehandicapte in rolstoel; voetganger die zijn (brom)fiets duwt; andere voetganger.

Overige: landbouwtractor; trolleybus; ruiter; bespannen voertuig; andere weggebruiker; onbekend; niet beschikbaar.

Opmerkingen

Breuk in de reeks: tot november 2017 registreerde de politie een kettingbotsing vanaf 4 of meer betrokken voertuigen. Sindsdien wordt een kettingbotsing geregistreerd vanaf 3 betrokken voertuigen.

Kwaliteit van de cijfers:

De gegevens over dodelijke slachtoffers zijn het betrouwbaarst en stabielst. In dat geval is het meer dan waarschijnlijk dat de politie of het parket tussenbeide komt bij het dodelijke ongeval. De gegevens over lichtgewonden zijn zeer waarschijnlijk onderschat, meer bepaald voor zwakke weggebruikers (voetgangers, fietsers). Belgisch en internationaal onderzoek raamt de graad van registratie door de politie voor dodelijke ongevallen op 90% (waarbij we de resultaten nog kunnen verbeteren dankzij de gegevens van de parketten). Die graad ligt bij 50% voor slachtoffers die in het ziekenhuis werden opgenomen en lager dan 20% voor zeer licht gewonde slachtoffers (die niet in het ziekenhuis werden opgenomen).

De gegevens van 2005 tot 2017 werden door de politiediensten herzien. In juni 2018 werkte Statbel de gegevens van de verkeersongevallen bij. Tussen 2005 en 2017 was er een opvallend hoog aantal onbekenden voor enkele belangrijke variabelen (o.m. agglomeratie, toestand van de wegen, weersomstandigheden). Voor de recentere jaargangen is dit probleem minder aan de orde. De recentste publicatie is telkens geldig.

Metadata