Vastgoedprijzen

Woningprijzen - derde kwartaal 2021

Bouwen & Wonen
Woningprijzen - derde kwartaal 2021

Statbel, het Belgische statistiekbureau, publiceert vandaag de Belgische woningprijzen voor het derde kwartaal 2021 op basis van de verkoopakten die werden geregistreerd door de FOD Financiën.

De belangrijkste resultaten:

  • De Belgische mediaanprijs voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing bedroeg 245.000 euro. Voor een huis in open bebouwing betaalde men 350.000 euro.
  • Het Waals Gewest is het goedkoopste met een mediaanprijs van 170.000 euro voor huizen in halfopen of gesloten bebouwing, en 280.000 euro voor huizen in open bebouwing.
  • Daarna volgt het Vlaams Gewest. Huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten er 274.000 euro, huizen in open bebouwing 380.000 euro.
  • Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het duurste gewest voor alle types woningen. Huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten 481.000 euro. Voor huizen in open bebouwing bedroeg de mediaanprijs er 1.100.000 euro.
  • In het Vlaams Gewest is de goedkoopste provincie Limburg en de duurste Vlaams-Brabant. In het Waals Gewest is de goedkoopste provincie Henegouwen en de duurste Waals-Brabant.
  • Elsene is de duurste gemeente. In Froidchapelle liggen de goedkoopste huizen.

België

De mediaanprijs voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing bedroeg 245.000 euro in het derde kwartaal van 2021. Voor een huis in open bebouwing betaalde men 350.000 euro. Appartementen kostten 223.000 euro:

BELGIE 2019 2020 2021 evolutie % evolutie %
(Q3) (Q3) (Q3) 2020 (Q3)/2019 (Q3) 2021 (Q3)/2020 (Q3)
Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 215.000 220.000 245.000 +2,3% +11,4%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 300.000 315.000 350.000 +5,0% +11,1%
Appartementen 195.000 204.500 223.000 +4,9% +9,0%
Mediaanprijs (euro)

Ten opzichte van het derde kwartaal van 2020 zijn de mediaanprijzen van huizen in gesloten of halfopen bebouwing met 11,4% gestegen, ofwel een toename van 25.000 euro. Voor huizen in open bebouwing was er een prijsstijging van 11,1% of 35.000 euro. Appartementen werden 9% duurder, wat neerkomt op een prijstoename van 18.500 euro.

België

(De grafiek toont de mediaanprijzen van het derde kwartaal voor elk jaar)

De gewesten

Er zijn duidelijke regionale verschillen te noteren:

  • Het Waals Gewest is het goedkoopste gewest. In het derde kwartaal van 2021 kenden de huizen in gesloten of halfopen bebouwing met een mediaanprijs van 170.000 euro een prijsstijging van 9% tegenover dezelfde periode vorig jaar. Prijzen van huizen in open bebouwing kenden een prijstoename van 11,6% tot 280.000 euro. Appartementen werden met een meerprijs van 15.000 euro 9,7% duurder en kostten 170.000 euro:
WAALS GEWEST 2019 2020 2021 evolutie % evolutie %
(Q3) (Q3) (Q3) 2020 (Q3)/2019 (Q3) 2021 (Q3)/2020 (Q3)
Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 150.000 156.000 170.000 +4,0% +9,0%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 250.000 251.000 280.000 +0,4% +11,6%
Appartementen 150.000 155.000 170.000 +3,3% +9,7%
Mediaanprijs (euro)
  • Daarna volgt het Vlaams Gewest. Huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten daar 274.000 euro, een toename van 24.000 euro (+9,6%) ten opzichte van het derde kwartaal van 2020. Huizen in open bebouwing (380.000 euro) kenden een prijsstijging van 10,9% of 37.250 euro. De mediaanprijs van appartementen nam toe met 8,9% en klokte af op 225.000 euro:
VLAAMS GEWEST 2019 2020 2021 evolutie % evolutie %
(Q3) (Q3) (Q3) 2020 (Q3)/2019 (Q3) 2021 (Q3)/2020 (Q3)
Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 240.000 250.000 274.000 +4,2% +9,6%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 335.000 342.750 380.000 +2,3% +10,9%
Appartementen 197.250 206.600 225.000 +4,7% +8,9%
Mediaanprijs (euro)
  • Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het duurste gewest voor alle types woningen. Huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten 481.000 euro en werden 45.000 euro (+10,3%) duurder. Huizen in open bebouwing kenden een afname van 9,8% van de mediaanprijs en kostten 1.100.000 euro . Appartementen werden 20.000 euro duurder en kostten 250.000 euro, wat neerkomt op een prijstoename van 8,7%.
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST 2019 2020 2021 evolutie % evolutie %
(Q3) (Q3) (Q3) 2020 (Q3)/2019 (Q3) 2021 (Q3)/2020 (Q3)
Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 415.000 436.000 481.000 +5,1% +10,3%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 840.000 1.220.000 1.100.000 +45,2% -9,8%
Appartementen 215.000 230.000 250.000 +7,0% +8,7%
Mediaanprijs (euro)

De provincies

In het Vlaams Gewest waren huizen en appartementen in het derde kwartaal van 2021 het duurst in de provincie Vlaams-Brabant: een huis in gesloten of halfopen bebouwing kostte er 325.000 euro, voor een huis in open bebouwing was de mediaanprijs er 425.000 euro. Appartementen kostten er 240.000 euro. In Limburg waren de huizen en appartementen het goedkoopst: 225.000 voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing en 289.000 euro voor een open bebouwing. De mediaanprijs voor appartementen bedroeg er 215.000 euro.

In het Waals Gewest was voor alle categorieën de provincie Waals-Brabant het duurst: huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten er 315.000 euro, voor huizen in open bebouwing was de mediaanprijs 445.500 euro en appartementen bereikten een niveau van 240.000 euro. Henegouwen was het goedkoopst voor de gesloten of halfopen bebouwingen (150.000 euro) en de appartementen (145.000 euro). Voor de goedkoopste open bebouwingen moest men in Luxemburg zijn (247.000 euro).

De gemeenten

Elsene duurste gemeente, Froidchapelle goedkoopste

In de tabellen hieronder volgt een rangschikking van de duurste en goedkoopste gemeenten per gewest gebaseerd op alle huizen in gesloten, halfopen of open bebouwing voor het derde kwartaal van 2021.

De duurste Vlaamse gemeente was Knokke-Heist met een mediaanprijs van 727.500 euro. De goedkoopste huizen in dit gewest waren te vinden in Menen met een mediaanprijs van 160.000 euro. De duurste Waalse woningen situeerden zich in Lasne (595.000 euro) en de goedkoopste woningen waren terug te vinden in Froidchapelle (82.000 euro).

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kende de gemeente Elsene de hoogste mediaanprijs met 850.000 euro. De laagste mediaanprijs in dit gewest was voor de gemeente Sint-Jans-Molenbeek (315.000 euro).  

Huizen in het Vlaams Gewest

duurste gemeenten mediaanprijs goedkoopste gemeenten mediaanprijs
1 KNOKKE-HEIST (94) 727.500 1 MENEN (139) 160.000
2 SINT-MARTENS-LATEM (32) 646.000 2 GINGELOM (35) 175.000
3 KRAAINEM (32) 560.000 3 WERVIK (56) 176.852
4 WEZEMBEEK-OPPEM (39) 550.000 4 TONGEREN (94) 199.000
5 DE PINTE (29) 539.500 5 RONSE (101) 199.750
6 SCHILDE (80) 538.000 6 KORTEMARK (27) 200.000
7 OVERIJSE (63) 499.000 7 HEERS (31) 200.000
8 SINT-GENESIUS-RODE (45) 495.000 8 HOUTHULST (23) 209.000
9 KEERBERGEN (41) 495.000 9 LANDEN (57) 210.000
10 HOEILAART (18) 490.000 10 TIENEN (123) 210.000
11 TERVUREN (47) 480.000 11 KORTENAKEN (18) 212.500
12 WEMMEL (36) 474.500 12 POPERINGE (60) 212.500
13 BRASSCHAAT (103) 467.500 13 KLUISBERGEN (19) 217.500
14 KOKSIJDE (65) 445.000 14 LEOPOLDSBURG (25) 217.500
15 ZOERSEL (49) 442.500 15 BOCHOLT (42) 219.500
16 LOCHRISTI (54) 430.000 16 RIEMST (43) 220.000
17 BERTEM (16) 427.500 17 MEERHOUT (22) 222.000
18 OUD-HEVERLEE (20) 425.000 18 IZEGEM (91) 222.000
19 KAMPENHOUT (23) 425.000 19 GERAARDSBERGEN (123) 225.000
20 HOVE (18) 420.067 20 KOEKELARE (20) 225.000
tussen haakjes wordt het aantal transacties vermeld

Huizen in het Waals Gewest

duurste gemeenten mediaanprijs goedkoopste gemeenten mediaanprijs
1 LASNE (45) 595.000 1 FROIDCHAPELLE (37) 82.000
2 TERHULPEN (21) 565.000 2 HASTIERE (46) 93.000
3 WATERLOO (76) 552.500 3 TELLIN (17) 94.200
4 CHAUMONT-GISTOUX (28) 503.000 4 COLFONTAINE (67) 107.500
5 RIXENSART (69) 490.000 5 VIROINVAL (22) 110.000
6 EIGENBRAKEL (92) 395.000 6 BOUILLON (24) 120.000
7 OTTIGNIES-LOUVAIN-LA-NEUVE (43) 392.000 7 FRAMERIES (50) 125.000
8 GENEPIEN (48) 390.000 8 KOMEN-WAASTEN (60) 127.000
9 BEVEKOM (21) 383.500 9 QUAREGNON (59) 127.500
10 VILLERS-LA-VILLE (28) 355.000 10 ENGIS (24) 130.000
11 KASTEELBRAKEL (28) 355.000 11 QUIEVRAIN (33) 135.000
12 GRAVEN (25) 350.000 12 HENSIES (22) 135.000
13 WAVER (62) 350.000 13 DOUR (42) 135.000
14 CHASTRE (16) 337.500 14 BOUSSU (60) 135.000
15 RAEREN (21) 328.950 15 COUVIN (50) 135.000
16 EGHEZEE (27) 325.000 16 CHARLEROI (546) 137.000
17 CHAUDFONTAINE (41) 325.000 17 SOMME-LEUZE (32) 138.500
18 PROFONDEVILLE (20) 318.000 18 PERUWELZ (49) 140.000
19 HABAY (24) 315.000 19 DINANT (33) 141.250
20 NEUPRE (26) 293.500 20 FARCIENNES (18) 142.500
tussen haakjes wordt het aantal transacties vermeld

Huizen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

duurste gemeenten mediaanprijs goedkoopste gemeenten mediaanprijs
1 ELSENE (39) 850.000 1 SINT-JANS-MOLENBEEK (20) 315.000
2 UKKEL (102) 690.000 2 ANDERLECHT (58) 317.000
3 SINT-PIETERS-WOLUWE (52) 687.500 3 GANSHOREN (17) 365.000
4 SINT-LAMBRECHTS-WOLUWE (39) 655.000 4 SINT-AGATHA-BERCHEM (19) 365.000
5 OUDERGEM (41) 650.000 5 JETTE (22) 394.500
tussen haakjes wordt het aantal transacties vermeld

Bijlagen

Overzichtstabel mediaanprijzen

Mediaan (euro) 2019
(Q3)
2020
(Q3)
2021
(Q3)
evolutie %
2020(Q3) / 2019(Q3)
evolutie %
2021(Q3) / 2020(Q3)
BELGIE Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 215.000 220.000 245.000 +2,3% +11,4%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 300.000 315.000 350.000 +5,0% +11,1%
Appartementen 195.000 204.500 223.000 +4,9% +9,0%
VLAAMS GEWEST Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 240.000 250.000 274.000 +4,2% +9,6%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 335.000 342.750 380.000 +2,3% +10,9%
Appartementen 197.250 206.600 225.000 +4,7% +8,9%
WAALS GEWEST Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 150.000 156.000 170.000 +4,0% +9,0%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 250.000 251.000 280.000 +0,4% +11,6%
Appartementen 150.000 155.000 170.000 +3,3% +9,7%
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 415.000 436.000 481.000 +5,1% +10,3%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 840.000 1.220.000 1.100.000 +45,2% -9,8%
Appartementen 215.000 230.000 250.000 +7,0% +8,7%
PROVINCIE ANTWERPEN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 258.000 275.000 300.000 +6,6% +9,1%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 356.000 362.500 406.000 +1,8% +12,0%
Appartementen 191.000 200.000 220.000 +4,7% +10,0%
PROVINCIE VLAAMS-BRABANT Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 280.000 290.000 325.000 +3,6% +12,1%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 379.000 374.750 425.000 -1,1% +13,4%
Appartementen 217.500 231.500 240.000 +6,4% +3,7%
PROVINCIE WAALS-BRABANT Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 282.000 290.000 315.000 +2,8% +8,6%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 385.000 417.500 445.500 +8,4% +6,7%
Appartementen 215.000 211.250 240.000 -1,7% +13,6%
PROVINCIE WEST-VLAANDEREN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 214.500 220.000 236.750 +2,6% +7,6%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 325.000 345.000 380.000 +6,2% +10,1%
Appartementen 190.000 200.000 225.000 +5,3% +12,5%
PROVINCIE OOST-VLAANDEREN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 235.000 245.000 268.000 +4,3% +9,4%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 349.000 360.000 400.000 +3,2% +11,1%
Appartementen 215.934 220.000 234.000 +1,9% +6,4%
PROVINCIE HENEGOUWEN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 134.000 135.000 150.000 +0,7% +11,1%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 230.000 233.750 260.000 +1,6% +11,2%
Appartementen 130.500 135.000 145.000 +3,4% +7,4%
PROVINCIE LUIK Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 155.000 160.000 175.000 +3,2% +9,4%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 247.500 250.000 285.000 +1,0% +14,0%
Appartementen 142.500 147.500 165.000 +3,5% +11,9%
PROVINCIE LIMBURG Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 199.000 212.000 225.000 +6,5% +6,1%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 260.000 267.000 289.000 +2,7% +8,2%
Appartementen 195.000 190.000 215.000 -2,6% +13,2%
PROVINCIE LUXEMBURG Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 170.000 172.250 185.000 +1,3% +7,4%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 200.000 225.000 247.000 +12,5% +9,8%
Appartementen 150.000 158.375 185.000 +5,6% +16,8%
PROVINCIE NAMEN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 170.000 175.000 187.000 +2,9% +6,9%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 220.000 220.000 251.000 0,0% +14,1%
Appartementen 160.000 160.000 170.000 0,0% +6,3%
Mediaanprijs per gebouwtype
Content
2-3 gevel woningen
4 gevel woningen tabel
Kaart
Content
Appartementen

Algemene situering

De statistiek van de vastgoedprijzen is gebaseerd op de verkoopakten die worden geregistreerd door de FOD Financiën, meer bepaald door de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie (AAPD), beter gekend als het Kadaster.

Tot 2004 werden de benodigde gegevens op papier overgemaakt aan Statbel. Vanaf 2005 werden de gegevens digitaal overgemaakt, op basis van het registratiesysteem CADNET/LOCO. Vanaf 2016 werd het systeem CADNET/LOCO bij de AAPD vervangen door het systeem STIPAD.

Dit document beschrijft de methodologie die wordt gebruikt voor de berekening van de vastgoedprijzen.

Onderhandse verkopen versus openbare verkopen

Bij een onderhandse verkoop van een onroerend goed komen koper en verkoper onderling een verkoopprijs overeen.

Bij een openbare verkoop wordt een onroerend goed verkocht volgens het systeem van het hoogste bod. Deze vindt doorgaans plaats onder leiding van een Notaris in een publieke ruimte (bv. een café) en wordt bv. aangekondigd in een lokaal dagblad. De vastgoedprijzen zoals berekend door Statbel zijn gebaseerd op zowel de onderhandse verkopen als de openbare verkopen.

Compromissen versus akten

Bij een onderhandse verkoop van een onroerend goed wordt eerst een compromis getekend tussen verkoper en koper. De ondertekening van de authentieke akte gebeurt binnen de 4 maand volgend op de datum van het compromis bij de Notaris (het verlijden van de akte).

Niet alle compromissen leiden tot een effectieve verkoop. Het kan zijn dat de koper na het ondertekenen van het compromis niet de nodige financiering vindt door bv. een weigering van de bank voor een hypothecair krediet.

De vastgoedprijzen zoals berekend door Statbel zijn gebaseerd op de akten die werden verleden bij de Notaris. Het betreft dus de effectieve verkopen, en niet de compromissen.

Verkoopprijs

Bovenop de overeengekomen verkoopprijs dient de koper ook nog extra kosten te betalen, zoals de registratierechten (of BTW in geval van nieuwbouw) alsook het ereloon van de Notaris voor het verlijden van de akte. Als men een hypothecaire lening aangaat komen hierbij nog de hypothecaire inschrijvingsrechten en eventuele dossierskosten bij de bank.

Voor de berekening van de vastgoedprijzen wordt enkel rekening gehouden met de overeengekomen verkoopprijs exclusief bijkomende kosten.

Type vastgoed

Residentieel vastgoed

In de dataset van het Kadaster waartoe Statbel van 2005 tot 2017 toegang had voor de berekening van de vastgoedprijzen is er sprake van volgende vastgoedcategorieën:

  • woonhuizen
  • villa’s
  • appartementen

Deze categorieën zijn gebaseerd op de aard vermeld op het Kadasterplan. Deze aard wordt bepaald éénmaal een nieuw gebouw is afgewerkt. Nadien wordt deze aard niet steeds bijgewerkt als er een verandering van de bestemming van het gebouw plaatsvindt. De indeling ‘woonhuis’ versus ‘villa’ is gebaseerd op het (subjectieve) oordeel van de schatter van het Kadaster.

In het vervolg van dit document worden de vastgoedprijzen die zijn berekend volgens bovenstaande indeling aangeduid als de vastgoedprijzen volgens de “oude methodologie”.

Vanaf 2017 werd een uitgebreidere gegevensset ter beschikking gesteld aan Statbel, met een meer gedetailleerde omschrijving van het goed. Het gaat om twee extra variabelen: de aard volgens de verkoopakte en de constructiecode.

Dankzij deze extra infomatie kan de methodologie verder geoptimaliseerd worden:

  • Voor de bepaling van het type gebouw wordt er niet meer gekeken naar de aard vermeld op het Kadasterplan, maar wel naar de aard vermeld in de verkoopakte. Deze is meer up-to-date, want deze wordt bij elke verkoop opnieuw vastgesteld (door de Notaris).
  • Bij de huizen is er voortaan een objectieve onderverdeling volgens het aantal gevels: in de oude methode was er sprake van woonhuizen en villa's, maar deze kwalificatie is subjectief. In de aangepaste methodologie wordt voortaan een onderscheid gemaakt tussen huizen met 2 of 3 gevels en huizen met 4 of meer gevels.

In het vervolg van dit document worden de vastgoedprijzen die zijn berekend op basis van de aard volgens de verkoopakte aangeduid als de vastgoedprijzen volgens de “nieuwe methodologie”.

Bouwgronden

De extra geleverde variabelen laten niet toe om voor de bouwgronden referentieprijzen te berekenen. Reden hiervoor is dat een groot deel van de effectieve bouwgronden aan een restcategorie wordt toegewezen, waarin vanalles kan zitten: landbouwgrond, industrie, bouwgrond, etc. Het gaat om meer dan 50% van alle bouwgronden.

Overige types vastgoed

Ook voor niet-residentieel vastgoed (landbouw, handel, etc.) laat de databank van het Kadaster het niet toe om resultaten te berekenen. Onroerende goederen binnen deze categorie worden heel vaak in bundel verkocht, samen met andere percelen met verschillende bestemmingen voor één totaalprijs, zodat een prijs per afzonderlijk goed niet af te leiden is en bijgevolg geen mediaanprijzen per categorie kunnen berekend worden.

Nieuwbouw

In de oude methodologie werden alle transacties die in de beknopte dataset van het Kadaster zaten opgenomen in de berekening. Hierin zat ook een deel nieuwbouw. Dankzij de uitgebreidere dataset waarover Statbel sinds 2016 beschikt en na gezamenlijke analyse met het Kadaster is duidelijk geworden dat niet alle effectieve nieuwbouw wordt opgenomen in de databank, en dat de gegevens met betrekking tot de nieuwbouw die wel is opgenomen niet steeds accuraat zijn. De databank van het Kadaster laat het dus niet toe om een correct beeld te scheppen over de totale verkoop van nieuwbouw. Daarom wordt in de nieuwe, geoptimaliseerde methodologie enkel rekening gehouden met de secundaire vastgoedmarkt (herverkoop) en worden alle transacties in verband met nieuwbouw weggefilterd.

Zuivering van de datasets

De datasets die worden aangeleverd door het Kadaster worden op twee manieren gezuiverd.

Enerzijds worden alle transacties weggefilterd die niet behoren tot het universum van de statistiek. Deze transacties worden niet in rekening gebracht bij de berekening van de referentieprijs of het aantal transacties. Het gaat bijvoorbeeld om overdrachten ten gevolge van erfenissen. Bij de geoptimaliseerde methodologie wordt ook nieuwbouw weggefilterd.

Ook de transacties waarvan essentiële gegevens ongekend zijn - zoals bv. de verkoopdatum of het type van het onroerend goed - worden weggefilterd.

Anderzijds worden een aantal filters gebruikt waarbij ontbrekende data wordt gedetecteerd. De ontbrekende data laat in dit geval wel toe om de transacties in rekening te brengen voor de berekening van het aantal transacties, maar ze worden achterwege gelaten voor de berekening van de referentieprijs. Het gaat bv. om transacties waarvan enkel de prijs ontbreekt. Ook transacties waarbij meerdere onroerende goederen in een bundel worden doorverkocht aan een totaalprijs vallen in deze categorie.

Resultaten

Bij de oude methodologie bestaan de berekende resultaten uit de gemiddelde prijzen, mediaanprijzen, percentielprijzen, het aantal transacties, totale prijzen en totale oppervlakten.

Bij de nieuwe, geoptimaliseerde methodologie bestaan de berekende resultaten uit mediaanprijzen, percentielprijzen en het aantal transacties.

De resultaten worden gegroepeerd per jaar, semester of trimester, per woningtype en per lokaliteit (de gemeenten, de arrondissementen, de provincies, de gewesten en het Rijk).

Referentieprijs: gemiddelde prijs vs. mediaanprijs

Als men te maken heeft met statistische verdelingen die gekenmerkt zijn door observaties met extreme waarden (zoals bv. de verkoopprijs van vastgoed) dient men rekening te houden dat het gemiddelde als centrale maatstaf hiervan een grote invloed ondervindt: een extreme waarde zal het gemiddelde in belangrijke mate naar zich toe trekken.

Een beter geschikte centrale maatstaf is de mediaanprijs. Dit is de prijs waarbij 50% van de transacties goedkoper zijn en 50% duurder. De invloed van extreme waarden is voor deze maatstaf minimaal of zelf onbestaand: de mediaan verandert niet of nauwelijks als een extreme waarde wordt weggelaten of toegevoegd aan de berekening (in tegenstelling tot het gemiddelde). De mediaanprijs is dus een stabielere maatstaf dan de gemiddelde prijs.

In de publicaties van Statbel wordt de mediaanprijs als referentieprijs gebruikt.

Percentielprijzen

De percentielprijzen zijn extra maatstaven die samen met de mediaanprijs een beter beeld geven over de statistische verdeling van de prijzen. Het 25e percentiel (ook wel het eerste kwartiel genoemd = Q25) is de prijs waarbij 25% van de transacties even duur of goedkoper zijn en 75% van de transacties even duur of duurder zijn.

Het 75e percentiel (ook wel het derde kwartiel genoemd = Q75) is de prijs waarbij 75% van de transacties even duur of goedkoper zijn en 25% van de transacties even duur of duurder zijn.

Mediaanprijzen en percentielprijzen worden pas weergegeven vanaf 16 transacties met een geldige prijs per aggregaat, dit om een zekere representativiteit te bewerkstelligen alsook de confidentialiteit van de individuele gegevens te waarborgen. Soms zitten er in de databank van het Kadaster transacties zonder vermelding van een geldige prijs. Deze transacties worden meegeteld voor het totale aantal transacties, maar worden niet opgenomen in de prijsberekening. Indien er voor een aggregaat sprake is van één of meerdere transacties met een ongeldige prijs, zal het aantal transacties waarvoor de prijzen worden getoond hoger zijn dan de bovenvermelde grens van 16 transacties, overeenkomstig het aantal transacties met een ongeldige prijs.

Totale prijs

Ten gevolge van het relatief hoge aantal transacties waarvan de prijs ontbreekt (vooral sinds STIPAD) wordt geen totale prijs meer gepubliceerd bij de nieuwe geoptimaliseerde methodologie.

Metadata