Vastgoedprijzen

Belgische woningprijzen - eerste semester 2019

Bouwen & Wonen
Belgische woningprijzen - eerste semester 2019

Statbel, het Belgische statistiekbureau, publiceert vandaag de Belgische woningprijzen voor het eerste semester 2019, op basis van de effectieve vastgoedtransacties.

De belangrijkste resultaten:

  • De Belgische mediaanprijs voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing bedroeg 200.000 euro. Voor een huis in open bebouwing betaalde men 294.000 euro.
  • Het Waals Gewest is het goedkoopste met een mediaanprijs van 145.000 euro voor huizen in halfopen of gesloten bebouwing, en 236.000 euro voor huizen in open bebouwing.
  • Daarna volgt het Vlaams Gewest. Huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten er 230.000 euro, huizen in open bebouwing 325.000 euro.
  • Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het duurste gewest: huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten er 399.000 euro. Voor huizen in open bebouwing was dat 840.000 euro.

Definitie: de mediaanprijs is de prijs waarbij 50% van de verkochte huizen goedkoper zijn en 50% duurder. Dit geeft een robuuster en een doorheen de tijd beter vergelijkbaar resultaat. Mediaanprijzen ondervinden immers minder impact van extreme verkoopprijzen.

België

De mediaanprijs voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing bedroeg 200.000 euro in het eerste semester van 2019. Voor een huis in open bebouwing betaalde men 294.000 euro. Wie een huis in open bebouwing wenste te kopen diende dus meer dan 90.000 euro extra op tafel te leggen bovenop de mediaanprijs van een huis in gesloten of halfopen bebouwing. Appartementen kostten 186.000 euro.

BELGIE 2017 2018 2019 evolutie % evolutie %
(S1) (S1) (S1) 2018/2017 2019/2018
Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 188.000 195.000 200.000 +3,7% +2,6%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 275.000 280.000 294.000 +1,8% +5,0%
Appartementen 175.000 180.000 186.000 +2,9% +3,3%
Mediaanprijs (euro)

Ten opzichte van het eerste semester van 2018 zijn de mediaanprijzen van huizen in gesloten of halfopen bebouwing met 2,6% gestegen, ofwel een toename van 5.000 euro. De huizen in open bebouwing kenden een sterkere prijstoename met 5%, bijna het dubbele als de huizen in gesloten of halfopen bebouwing. De prijzen van appartementen stegen met 6.000 euro, wat neerkomt op een procentuele toename van 3,3%.

Belgische woningprijzen - eerste semester 2019

De gewesten

Er zijn duidelijke regionale verschillen te noteren:

  • Het Waals Gewest is het goedkoopste gewest. In het eerste semester van 2019 kenden de huizen in gesloten of halfopen bebouwing met een mediaanprijs van 145.000 euro een prijsstijging van 5,5% tegenover dezelfde periode vorig jaar. De mediaanprijs van huizen in open bebouwing steeg in Wallonië met 6.000 euro (+2,6%) tot 236.000 euro. Appartementen werden met een meerprijs van 5.000 euro 3,6% duurder en kostten 145.000 euro:
WAALS GEWEST 2017 2018 2019 evolutie % evolutie %
(S1) (S1) (S1) 2018/2017 2019/2018
Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 133.000 137.500 145.000 +3,4% +5,5%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 225.000 230.000 236.000 +2,2% +2,6%
Appartementen 140.000 140.000 145.000 0,0% +3,6%
Mediaanprijs (euro)
  • Daarna volgt het Vlaams Gewest. Huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten daar 230.000 euro, een toename van 5.000 euro (+2,2%) ten opzichte van het eerste semester van 2018. Huizen in open bebouwing (325.000 euro) kenden een prijsstijging van 4,8% of 15.000 euro. Appartementen kostten 190.000 euro en zijn hiermee 2,7% of 5.000 euro duurder geworden:
VLAAMS GEWEST 2017 2018 2019 evolutie % evolutie %
(S1) (S1) (S1) 2018/2017 2019/2018
Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 215.000 225.000 230.000 +4,7% +2,2%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 300.000 310.000 325.000 +3,3% +4,8%
Appartementen 180.000 185.000 190.000 +2,8% +2,7%
Mediaanprijs (euro)
  • Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het duurste gewest voor alle types woningen. Huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten er 399.000 euro en werden 10,1% duurder tegenover dezelfde periode vorig jaar. Huizen in open bebouwing kostten 840.000 euro en werden hiermee 1,2% of 10.000 euro duurder. Appartementen werden 2% duurder en kostten 200.000 euro, wat neerkomt op een prijstoename van 4.000 euro:
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST 2017 2018 2019 evolutie % evolutie %
(S1) (S1) (S1) 2018/2017 2019/2018
Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 360.000 362.500 399.000 +0,7% +10,1%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 800.000 830.000 840.000 +3,8% +1,2%
Appartementen 185.000 196.000 200.000 +5,9% +2,0%
Mediaanprijs (euro)

De provincies

In het Vlaams Gewest was een huis in het eerste semester van 2019 het duurst in de provincie Vlaams-Brabant: een huis in gesloten of halfopen bebouwing kostte er 270.000 euro, voor een huis in open bebouwing was de mediaanprijs er 365.000 euro. In Limburg waren de huizen het goedkoopst: 195.000 voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing en 253.000 euro voor een open bebouwing. Vlaams-Brabant was ook de duurste provincie voor de appartementen (210.000 euro) terwijl de provincie Antwerpen hiervoor de laagste mediaanprijs had (183.500 euro).

In het Waals Gewest was voor alle categorieën de provincie Waals-Brabant het duurst: huizen in gesloten of halfopen bebouwing kostten er 260.000 euro, voor huizen in open bebouwing was de mediaanprijs 370.000 euro en appartementen bereikten een niveau van 210.000 euro. Henegouwen was het goedkoopst voor de gesloten of halfopen bebouwingen (129.000 euro) en de appartementen (120.000 euro). Voor de goedkoopste open bebouwingen moest men in Luxemburg zijn (190.000 euro).

De gemeenten

Elsene duurste gemeente, Hastière goedkoopste

In de tabellen hieronder volgt een rangschikking van de duurste en goedkoopste gemeenten per gewest gebaseerd op alle huizen in gesloten, halfopen of open bebouwing die werden verkocht tijdens het eerste semester van 2019.

De duurste Vlaamse gemeente was Sint-Martens-Latem met een mediaanprijs van 570.000 euro. De goedkoopste huizen in dit gewest waren te vinden in Ronse met een mediaanprijs van 140.000 euro.

De duurste Waalse huizen situeerden zich in Lasne (505.000 euro) en de goedkoopste huizen waren terug te vinden in Hastière (65.000 euro).

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kende de gemeente Elsene de hoogste mediaanprijs met 740.000 euro. De laagste mediaanprijs in dit gewest was voor de gemeente Sint-Jans-Molenbeek (270.000 euro).

Huizen in het Vlaams Gewest

duurste gemeenten mediaanprijs goedkoopste gemeenten mediaanprijs
1 SINT-MARTENS-LATEM (44) 570.000 1 RONSE (158) 140.000
2 KNOKKE-HEIST (146) 530.000 2 MENEN (234) 155.000
3 KRAAINEM (54) 507.500 3 WERVIK (95) 160.000
4 WEZEMBEEK-OPPEM (55) 487.500 4 TONGEREN (147) 164.500
5 SCHILDE (135) 450.000 5 ALVERINGEM (29) 165.000
6 TERVUREN (103) 448.000 6 GINGELOM (55) 172.500
7 LINKEBEEK (20) 420.000 7 DE PANNE (51) 175.000
8 SINT-GENESIUS-RODE (113) 415.000 8 LINTER (43) 176.000
9 DE PINTE (36) 399.000 9 WELLEN (25) 177.500
10 OVERIJSE (124) 390.000 10 VOEREN (22) 180.000
11 HOVE (54) 384.500 11 GERAARDSBERGEN (250) 182.250
12 LINT (34) 384.000 12 KLUISBERGEN (27) 183.500
13 LUBBEEK (41) 383.000 13 LANDEN (90) 185.000
14 HOEILAART (44) 382.500 14 MEULEBEKE (47) 185.000
15 BRASSCHAAT (185) 380.000 15 DILSEN-STOKKEM (72) 188.500
16 KEERBERGEN (55) 370.000 16 DIKSMUIDE (85) 190.000
17 OUD-HEVERLEE (47) 370.000 17 AVELGEM (63) 190.000
18 MEISE (80) 367.500 18 MIDDELKERKE (93) 190.000
19 WEMMEL (44) 360.000 19 SINT-LAUREINS (27) 190.000
20 ZUIENKERKE (18) 360.000 20 IZEGEM (166) 190.000
tussen haakjes wordt het aantal transacties vermeld

Huizen in het Waals Gewest

duurste gemeenten mediaanprijs goedkoopste gemeenten mediaanprijs
1 LASNE (88) 505.000 1 HASTIERE (81) 65.000
2 WATERLOO (135) 427.500 2 VIROINVAL (52) 70.000
3 TERHULPEN (39) 400.000 3 TROIS-PONTS (18) 86.000
4 RIXENSART (103) 399.250 4 DOUR (97) 100.000
5 CHAUMONT-GISTOUX (37) 361.250 5 FROIDCHAPELLE (45) 104.000
6 EIGENBRAKEL (160) 335.000 6 BOUSSU (109) 105.000
7 CHASTRE (25) 330.000 7 QUAREGNON (104) 106.250
8 MONT-SAINT-GUIBERT (27) 322.500 8 CHARLEROI (1033) 110.000
9 COURT-SAINT-ETIENNE (27) 316.500 9 COLFONTAINE (116) 110.000
10 BEVEKOM (32) 315.000 10 HENSIES (26) 112.250
11 WALHAIN (25) 315.000 11 ERQUELINNES (48) 112.500
12 GRAVEN (51) 312.000 12 ESTINNES (37) 112.500
13 OTTIGNIES-LOUVAIN-LA-NEUVE (78) 311.000 13 PHILIPPEVILLE (34) 112.500
14 KASTEELBRAKEL (47) 310.000 14 FONTAINE-L'EVEQUE (67) 115.000
15 WAVER (120) 310.000 15 VIELSALM (51) 115.000
16 NIJVEL (92) 280.000 16 FRAMERIES (106) 117.500
17 VILLERS-LA-VILLE (43) 275.000 17 FARCIENNES (52) 118.750
18 ITTER (27) 270.000 18 MOMIGNIES (25) 120.000
19 AARLEN (82) 262.500 19 CHINY (21) 120.000
20 NANDRIN (24) 260.000 20 HOUYET (32) 120.000
tussen haakjes wordt het aantal transacties vermeld

Huizen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

duurste gemeenten mediaanprijs goedkoopste gemeenten mediaanprijs
1 ELSENE (57) 740.000 1 SINT-JANS-MOLENBEEK (48) 270.000
2 SINT-PIETERS-WOLUWE (93) 580.000 2 ANDERLECHT (119) 291.500
3 UKKEL (182) 525.000 3 JETTE (53) 312.500
4 ETTERBEEK (35) 515.000 4 EVERE (32) 320.000
5 VORST (45) 495.000 5 SINT-AGATHA-BERCHEM (37) 322.500
tussen haakjes wordt het aantal transacties vermeld

Bijlagen

Overzichtstabel gewesten + provincies

Mediaanprijs (euro) 2017
(S1)
2018
(S1)
2019
(S1)
evolutie %
2018/2017
evolutie %
2019/2018
BELGIE Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 188.000 195.000 200.000 +3,7% +2,6%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 275.000 280.000 294.000 +1,8% +5,0%
Appartementen 175.000 180.000 186.000 +2,9% +3,3%
VLAAMS GEWEST Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 215.000 225.000 230.000 +4,7% +2,2%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 300.000 310.000 325.000 +3,3% +4,8%
Appartementen 180.000 185.000 190.000 +2,8% +2,7%
WAALS GEWEST Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 133.000 137.500 145.000 +3,4% +5,5%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 225.000 230.000 236.000 +2,2% +2,6%
Appartementen 140.000 140.000 145.000 0,0% +3,6%
BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 360.000 362.500 399.000 +0,7% +10,1%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 800.000 830.000 840.000 +3,8% +1,2%
Appartementen 185.000 196.000 200.000 +5,9% +2,0%
PROVINCIE ANTWERPEN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 230.000 240.000 250.000 +4,3% +4,2%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 325.000 325.000 340.000 0,0% +4,6%
Appartementen 170.000 175.000 183.500 +2,9% +4,9%
PROVINCIE VLAAMS-BRABANT Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 255.000 260.000 270.000 +2,0% +3,8%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 349.000 350.000 365.000 +0,3% +4,3%
Appartementen 200.000 206.000 210.000 +3,0% +1,9%
PROVINCIE WAALS-BRABANT Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 240.000 250.000 260.000 +4,2% +4,0%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 365.000 370.000 370.000 +1,4% 0,0%
Appartementen 193.750 194.000 210.000 +0,1% +8,2%
PROVINCIE WEST-VLAANDEREN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 197.000 205.000 204.500 +4,1% -0,2%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 306.500 311.500 330.000 +1,6% +5,9%
Appartementen 185.000 185.000 189.000 0,0% +2,2%
PROVINCIE OOST-VLAANDEREN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 210.000 220.000 225.000 +4,8% +2,3%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 320.000 325.000 340.000 +1,6% +4,6%
Appartementen 195.000 200.000 205.000 +2,6% +2,5%
PROVINCIE HENEGOUWEN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 115.000 120.000 129.000 +4,3% +7,5%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 200.000 218.000 225.000 +9,0% +3,2%
Appartementen 120.000 119.000 120.000 -0,8% +0,8%
PROVINCIE LUIK Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 139.000 142.750 149.500 +2,7% +4,7%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 223.000 225.000 237.000 +0,9% +5,3%
Appartementen 135.000 135.000 140.000 0,0% +3,7%
PROVINCIE LIMBURG Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 180.000 185.000 195.000 +2,8% +5,4%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 238.500 240.000 253.000 +0,6% +5,4%
Appartementen 175.000 185.000 186.500 +5,7% +0,8%
PROVINCIE LUXEMBURG Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 133.250 140.000 141.000 +5,1% +0,7%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 180.000 181.500 190.000 +0,8% +4,7%
Appartementen 145.500 138.000 145.000 -5,2% +5,1%
PROVINCIE NAMEN Huizen met 2 of 3 gevels (gesloten + halfopen bebouwing) 149.500 155.000 160.000 +3,7% +3,2%
Huizen met 4 of meer gevels (open bebouwing) 200.000 200.000 210.000 0,0% +5,0%
Appartementen 150.000 155.000 153.250 +3,3% -1,2%
Mediaanprijs per gebouwtype
Content
2-3 gevel woningen
4 gevel woningen tabel
4 gevel woningen kaart
Content
appartementen

Algemene situering

De statistiek van de vastgoedprijzen is gebaseerd op de verkoopakten die worden geregistreerd door de FOD Financiën, meer bepaald door de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie (AAPD), beter gekend als het Kadaster.

Tot 2004 werden de benodigde gegevens op papier overgemaakt aan Statbel. Vanaf 2005 werden de gegevens digitaal overgemaakt, op basis van het registratiesysteem CADNET/LOCO. Vanaf 2016 werd het systeem CADNET/LOCO bij de AAPD vervangen door het systeem STIPAD.

Dit document beschrijft de methodologie die wordt gebruikt voor de berekening van de vastgoedprijzen.

Onderhandse verkopen versus openbare verkopen

Bij een onderhandse verkoop van een onroerend goed komen koper en verkoper onderling een verkoopprijs overeen.

Bij een openbare verkoop wordt een onroerend goed verkocht volgens het systeem van het hoogste bod. Deze vindt doorgaans plaats onder leiding van een Notaris in een publieke ruimte (bv. een café) en wordt bv. aangekondigd in een lokaal dagblad. De vastgoedprijzen zoals berekend door Statbel zijn gebaseerd op zowel de onderhandse verkopen als de openbare verkopen.

Compromissen versus akten

Bij een onderhandse verkoop van een onroerend goed wordt eerst een compromis getekend tussen verkoper en koper. De ondertekening van de authentieke akte gebeurt binnen de 4 maand volgend op de datum van het compromis bij de Notaris (het verlijden van de akte).

Niet alle compromissen leiden tot een effectieve verkoop. Het kan zijn dat de koper na het ondertekenen van het compromis niet de nodige financiering vindt door bv. een weigering van de bank voor een hypothecair krediet.

De vastgoedprijzen zoals berekend door Statbel zijn gebaseerd op de akten die werden verleden bij de Notaris. Het betreft dus de effectieve verkopen, en niet de compromissen.

Verkoopprijs

Bovenop de overeengekomen verkoopprijs dient de koper ook nog extra kosten te betalen, zoals de registratierechten (of BTW in geval van nieuwbouw) alsook het ereloon van de Notaris voor het verlijden van de akte. Als men een hypothecaire lening aangaat komen hierbij nog de hypothecaire inschrijvingsrechten en eventuele dossierskosten bij de bank.

Voor de berekening van de vastgoedprijzen wordt enkel rekening gehouden met de overeengekomen verkoopprijs exclusief bijkomende kosten.

Type vastgoed

Residentieel vastgoed

In de dataset van het Kadaster waartoe Statbel van 2005 tot 2017 toegang had voor de berekening van de vastgoedprijzen is er sprake van volgende vastgoedcategorieën:

  • woonhuizen
  • villa’s
  • appartementen

Deze categorieën zijn gebaseerd op de aard vermeld op het Kadasterplan. Deze aard wordt bepaald éénmaal een nieuw gebouw is afgewerkt. Nadien wordt deze aard niet steeds bijgewerkt als er een verandering van de bestemming van het gebouw plaatsvindt. De indeling ‘woonhuis’ versus ‘villa’ is gebaseerd op het (subjectieve) oordeel van de schatter van het Kadaster.

In het vervolg van dit document worden de vastgoedprijzen die zijn berekend volgens bovenstaande indeling aangeduid als de vastgoedprijzen volgens de “oude methodologie”.

Vanaf 2017 werd een uitgebreidere gegevensset ter beschikking gesteld aan Statbel, met een meer gedetailleerde omschrijving van het goed. Het gaat om twee extra variabelen: de aard volgens de verkoopakte en de constructiecode.

Dankzij deze extra infomatie kan de methodologie verder geoptimaliseerd worden:

  • Voor de bepaling van het type gebouw wordt er niet meer gekeken naar de aard vermeld op het Kadasterplan, maar wel naar de aard vermeld in de verkoopakte. Deze is meer up-to-date, want deze wordt bij elke verkoop opnieuw vastgesteld (door de Notaris).
  • Bij de huizen is er voortaan een objectieve onderverdeling volgens het aantal gevels: in de oude methode was er sprake van woonhuizen en villa's, maar deze kwalificatie is subjectief. In de aangepaste methodologie wordt voortaan een onderscheid gemaakt tussen huizen met 2 of 3 gevels en huizen met 4 of meer gevels.

In het vervolg van dit document worden de vastgoedprijzen die zijn berekend op basis van de aard volgens de verkoopakte aangeduid als de vastgoedprijzen volgens de “nieuwe methodologie”.

Bouwgronden

De extra geleverde variabelen laten niet toe om voor de bouwgronden referentieprijzen te berekenen. Reden hiervoor is dat een groot deel van de effectieve bouwgronden aan een restcategorie wordt toegewezen, waarin vanalles kan zitten: landbouwgrond, industrie, bouwgrond, etc. Het gaat om meer dan 50% van alle bouwgronden.

Overige types vastgoed

Ook voor niet-residentieel vastgoed (landbouw, handel, etc.) laat de databank van het Kadaster het niet toe om resultaten te berekenen. Onroerende goederen binnen deze categorie worden heel vaak in bundel verkocht, samen met andere percelen met verschillende bestemmingen voor één totaalprijs, zodat een prijs per afzonderlijk goed niet af te leiden is en bijgevolg geen mediaanprijzen per categorie kunnen berekend worden.

Nieuwbouw

In de oude methodologie werden alle transacties die in de beknopte dataset van het Kadaster zaten opgenomen in de berekening. Hierin zat ook een deel nieuwbouw. Dankzij de uitgebreidere dataset waarover Statbel sinds 2016 beschikt en na gezamenlijke analyse met het Kadaster is duidelijk geworden dat niet alle effectieve nieuwbouw wordt opgenomen in de databank, en dat de gegevens met betrekking tot de nieuwbouw die wel is opgenomen niet steeds accuraat zijn. De databank van het Kadaster laat het dus niet toe om een correct beeld te scheppen over de totale verkoop van nieuwbouw. Daarom wordt in de nieuwe, geoptimaliseerde methodologie enkel rekening gehouden met de secundaire vastgoedmarkt (herverkoop) en worden alle transacties in verband met nieuwbouw weggefilterd.

Zuivering van de datasets

De datasets die worden aangeleverd door het Kadaster worden op twee manieren gezuiverd.

Enerzijds worden alle transacties weggefilterd die niet behoren tot het universum van de statistiek. Deze transacties worden niet in rekening gebracht bij de berekening van de referentieprijs of het aantal transacties. Het gaat bijvoorbeeld om overdrachten ten gevolge van erfenissen. Bij de geoptimaliseerde methodologie wordt ook nieuwbouw weggefilterd.

Ook de transacties waarvan essentiële gegevens ongekend zijn - zoals bv. de verkoopdatum of het type van het onroerend goed - worden weggefilterd.

Anderzijds worden een aantal filters gebruikt waarbij ontbrekende data wordt gedetecteerd. De ontbrekende data laat in dit geval wel toe om de transacties in rekening te brengen voor de berekening van het aantal transacties, maar ze worden achterwege gelaten voor de berekening van de referentieprijs. Het gaat bv. om transacties waarvan enkel de prijs ontbreekt. Ook transacties waarbij meerdere onroerende goederen in een bundel worden doorverkocht aan een totaalprijs vallen in deze categorie.

Resultaten

Bij de oude methodologie bestaan de berekende resultaten uit de gemiddelde prijzen, mediaanprijzen, percentielprijzen, het aantal transacties, totale prijzen en totale oppervlakten.

Bij de nieuwe, geoptimaliseerde methodologie bestaan de berekende resultaten uit mediaanprijzen, percentielprijzen en het aantal transacties.

De resultaten worden gegroepeerd per jaar, semester of trimester, per woningtype en per lokaliteit (de gemeenten, de arrondissementen, de provincies, de gewesten en het Rijk).

Referentieprijs: gemiddelde prijs vs. mediaanprijs

Als men te maken heeft met statistische verdelingen die gekenmerkt zijn door observaties met extreme waarden (zoals bv. de verkoopprijs van vastgoed) dient men rekening te houden dat het gemiddelde als centrale maatstaf hiervan een grote invloed ondervindt: een extreme waarde zal het gemiddelde in belangrijke mate naar zich toe trekken.

Een beter geschikte centrale maatstaf is de mediaanprijs. Dit is de prijs waarbij 50% van de transacties goedkoper zijn en 50% duurder. De invloed van extreme waarden is voor deze maatstaf minimaal of zelf onbestaand: de mediaan verandert niet of nauwelijks als een extreme waarde wordt weggelaten of toegevoegd aan de berekening (in tegenstelling tot het gemiddelde). De mediaanprijs is dus een stabielere maatstaf dan de gemiddelde prijs.

In de publicaties van Statbel wordt de mediaanprijs als referentieprijs gebruikt.

Percentielprijzen

De percentielprijzen zijn extra maatstaven die samen met de mediaanprijs een beter beeld geven over de statistische verdeling van de prijzen. Het 25e percentiel (ook wel het eerste kwartiel genoemd = Q25) is de prijs waarbij 25% van de transacties even duur of goedkoper zijn en 75% van de transacties even duur of duurder zijn.

Het 75e percentiel (ook wel het derde kwartiel genoemd = Q75) is de prijs waarbij 75% van de transacties even duur of goedkoper zijn en 25% van de transacties even duur of duurder zijn.

Mediaanprijzen en percentielprijzen worden pas weergegeven vanaf 16 transacties met een geldige prijs per aggregaat, dit om een zekere representativiteit te bewerkstelligen alsook de confidentialiteit van de individuele gegevens te waarborgen. Soms zitten er in de databank van het Kadaster transacties zonder vermelding van een geldige prijs. Deze transacties worden meegeteld voor het totale aantal transacties, maar worden niet opgenomen in de prijsberekening. Indien er voor een aggregaat sprake is van één of meerdere transacties met een ongeldige prijs, zal het aantal transacties waarvoor de prijzen worden getoond hoger zijn dan de bovenvermelde grens van 16 transacties, overeenkomstig het aantal transacties met een ongeldige prijs.

Totale prijs

Ten gevolge van het relatief hoge aantal transacties waarvan de prijs ontbreekt (vooral sinds STIPAD) wordt geen totale prijs meer gepubliceerd bij de nieuwe geoptimaliseerde methodologie.

Metadata