Residentiële vastgoedprijsindex

Vastgoedprijsindex – 3e kwartaal 2025

Bouwen & Wonen
Vastgoedprijsindex – 3e kwartaal 2025
  • Het jaarlijkse inflatiecijfer voor de vastgoedprijzen bedroeg 3,7% in het derde kwartaal van 2025 en steeg ten opzichte van de 2,9% in het vorige kwartaal.[1]
  • De gemiddelde inflatie van de vier laatste kwartalen bedraagt 3,0%.
  • Het indexcijfer van de huizenprijzen steeg met 2,4% in het derde kwartaal 2025 ten opzichte van het vorige kwartaal.

Statbel, het Belgische statistiekbureau, berekent elk kwartaal indexcijfers van de huizenprijzen in overeenstemming met de Europese regelgeving.

In het derde kwartaal van 2025 bedroeg de jaarlijkse inflatie voor de vastgoedprijzen 3,7%, een stijging ten opzichte van de 2,9% in het voorafgaande kwartaal.  De gemiddelde inflatie van de vier laatste kwartalen bedraagt 3,0%. De vastgoedprijsindex bedraagt 146,39 punten (2015=100), tegenover 142,94 punten in het vorige kwartaal en stijgt met 2,4% ten opzichte van het tweede kwartaal 2025.

Het indexcijfer van de huizenprijzen wordt door de lidstaten van de Europese Unie berekend volgens een geharmoniseerde methodologie en maakt het daardoor mogelijk om de ontwikkeling van de vastgoedprijzen tussen verschillende Europese landen met elkaar te vergelijken. Het indexcijfer van de huizenprijzen meet de evolutie van de prijzen van privaat onroerend goed. Deze index volgt de prijsveranderingen van nieuwe of bestaande woningen die door huishoudens worden gekocht, ongeacht het doel (verhuur of eigen bewoning). Het indexcijfer van de huizenprijzen meet de evolutie van de prijzen vanuit de veronderstelling dat de kenmerken van de verkochte woningen onveranderd blijven.

De index meet dus de zuivere prijsevolutie zonder tussenkomst van kwalitatieve veranderingen met behulp van een hedonisch model (zie technische informatie). Als de omvang van de verkochte goederen toeneemt, kan er een stijging van de gemiddelde prijs van de verkochte woningen worden vastgesteld, wat niet noodzakelijk betekent dat het indexcijfer van de huizenprijzen is gestegen. Deze index meet dus niet de evolutie van de gemiddelde verkoopprijs van vastgoed.

Het indexcijfer van de huizenprijzen is gebaseerd op gegevens over vastgoedtransacties van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de FOD Financiën. De resultaten van de laatste kwartalen zijn voorlopig en kunnen tijdens het volgende kwartaal worden herzien wanneer er bijkomende gegevens beschikbaar zijn.

Indexcijfer van de prijzen van nieuwe en bestaande woningen

Het indexcijfer van de huizenprijzen kan worden opgesplitst in twee categorieën: nieuwe woningen en bestaande woningen. In het derde kwartaal 2025 bedroeg de jaarlijkse inflatie voor nieuwe woningen 3,6% en 4,0% voor bestaande woningen. Het gewicht van deze twee categorieën in het algemene indexcijfer bedraagt respectievelijk 29,6% en 70,4% voor het jaar 2025.

Indexcijfer van bestaande woningen per gewest

Het indexcijfer van de huizenprijzen van bestaande woningen wordt sinds 2010 uitgesplitst per gewest. In het derde kwartaal van 2025 bedroeg de inflatie voor bestaande woningen 3,7% in Brussel, 3,6% in Vlaanderen en 5,0% in Wallonië.

Vergelijking tussen België en de buurlanden

Aangezien de vastgoedprijsindices van de buurlanden van het derde kwartaal 2025 pas op 9 januari 2026 door Eurostat worden gepubliceerd, is het tweede kwartaal van 2025 het meest recente kwartaal waarvoor we een vergelijking kunnen maken. In België bedroeg de inflatie 2,9% in het tweede kwartaal 2025 tegenover 2,7% in het eerste kwartaal van 2025. Nederland liet in het tweede kwartaal 2025 een inflatie van 9,5% optekenen, een daling ten opzichte van de 10,7% in het eerste kwartaal 2025. In Frankrijk bedroeg de inflatie in het tweede kwartaal van 2025 0,5% en bleef daarmee ongewijzigd ten opzichte van het eerste kwartaal van 2025. In Duitsland bedroeg de inflatie 3,2% in het tweede kwartaal 2025, een daling ten opzichte van de 3,5% in het vorige kwartaal. De inflatie van de eurozone als geheel daalde tot 5,4% in het tweede kwartaal van 2025 ten opzichte van de 5,7% in het vorige kwartaal.


[1]De cijfers van de laatste twee kwartalen worden als voorlopig beschouwd en kunnen herzien worden in latere publicaties.

Grafiek
Content
Inflatie
Weging
Content

Indexcijfer van de huizenprijzen, weging van de laatste 8 jaar

Onderstaande tabel geeft de gewichten weer van beide onderdelen van de residentiële vastgoedprijsindex (bestaande en nieuwe woningen). De weging van de nieuwe woongebouwen is gebaseerd op bruto kapitaalsvorming in woongebouwen. De weging voor bestaande woningen is afkomstig van de totale waarde van alle immobilien transacties gemaakt door huishoudens op de secundaire residentiële vastgoedmarkt.

be.STAT logoIndien u meer details wil of zelf variabelen wenst te selecteren, klik dan op het be.STAT icoontje

Downloads

Doel en korte beschrijving

De residentiële vastgoedprijsindex meet de inflatie in de residentiële vastgoedmarkt. De residentiële vastgoedprijsindex geeft de prijsevolutie weer voor alle residentiele woningen gekocht door huishoudens (appartementen, rijhuizen, villa’s), ongeacht of deze nieuw of reeds bestaand zijn. Enkel marktprijzen worden in rekening gebracht, zelfbouw woningen zijn dan ook uitgesloten. De grondprijs zit vervat in de prijs van de residentiële woning.

Populatie

Vastgoedtransacties in de residentiële markt

Frequentie

Driemaandelijks.

Timing publicatie

Resultaten beschikbaar 3 maanden na de referentieperiode

Definities

Residentiële vastgoedprijsindex: De residentiële vastgoedprijsindex meet de prijsevolutie van residentiële woningen, nieuwe of bestaande, ongeacht wat hun vorige gebruik of wie hun vorige eigenaar was.

Inflatie residentiële vastgoedprijsindex: Inflatie wordt gedefinieerd als de waarde tussen een bepaald trimester en hetzelfde trimester van het voorgaande jaar.

Weging residentiële vastgoedprijsindex: Weging op basis van de nationale rekeningen (bruto vaste kapitaalsvorming in woningen) en het totale aantal transacties op de residentiële markt.

Type van woning volgens de classificatie , voorzien in het reglement CE 93/2013 betreffende de indexen van de huizenprijzen.

Technische informatie

De vastgoedprijsindex meet de evolutie van de vastgoedprijzen op de markt van de privé-eigendommen. Deze index volgt de prijsveranderingen van nieuwe of bestaande residentiële eigendommen die door huishoudens worden gekocht, ongeacht het doel (verhuur of zelf bewonen).  Er wordt alleen rekening gehouden met de marktprijzen. Woningen die door hun eigenaars worden gebouwd, worden dus niet gevolgd. De prijs van de grond is inbegrepen in de vastgoedprijs.

De vastgoedprijsindex is gebaseerd op gegevens over de verkopen van vastgoed van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de FOD Financiën. De gebruikte prijzen zijn die van de verkoopakte. Gezien de tijd tussen de datum waarop de voorlopige verkoopovereenkomst wordt getekend en de datum waarop de akte wordt opgesteld (tussen 3 en 4 maanden) meet deze index de prijsevolutie met vertraging tegenover de reële datum waarop de verkoopprijs wordt vastgelegd. Deze vertraging is inherent aan de gebruikte gegevensbron.

De vastgoedprijsindex wordt berekend door de lidstaten van de Europese Unie, Noorwegen en IJsland. Op basis van de geharmoniseerde indexcijfers van de lidstaten berekent Eurostat de index van de eurozone (en van de hele Europese Unie). Gezien de rol die de woningmarkt in de economische en financiële crisis van 2008 speelde, werd de vastgoedprijsindex opgenomen in de gebruikte indicatoren in de procedure voor de preventie en correctie van macro-economische onevenwichten in de Europese Unie.

De vastgoedprijsindex wordt berekend krachtens Europese Verordening 2016/792 betreffende de geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen en van de huizenprijzen en 2023/1470 tot vaststelling van de methodologische en technische specificaties overeenkomstig wat het indexcijfer van de huizenprijzen en het indexcijfer van de prijzen van door de eigenaar bewoonde woningen betreft. Voor België, voor de Europese Unie en het merendeel van de Europese landen zijn er gegevens beschikbaar vanaf 2005.

De vastgoedprijsindex kan worden opgesplitst in twee posten: nieuwe woningen en bestaande woningen. Het gewicht van deze twee posten in de totale index wordt enerzijds bepaald door de bruto-investeringen in vaste activa in woningen (voor nieuwe woningen ) en anderzijds door de totale waarde van de in het voorgaande jaar geregistreerde transacties (voor bestaande woningen). Tot 2013 werd de prijsindex van nieuwe woningen bij benadering geschat door de afzetprijsindex in de bouwsector. Vanaf 2014 is deze index ook gebaseerd op de gegevens over de verkopen van vastgoed. De vastgoedprijsindex van bestaande woningen is sinds 2010 per gewest beschikbaar. De gegevens werden daarom integraal herzien toen de resultaten voor het vierde kwartaal 2023 in maart 2024 werden gepubliceerd.

Aangezien de te koop aangeboden woningen van kwartaal tot kwartaal verschillen, worden veranderingen van kenmerken verwerkt met behulp van hedonische regressiemodellen om prijsverschillen als gevolg van veranderingen in de kenmerken van de verkochte woningen te elimineren. Met deze modellen kan de theoretische prijs worden geschat in functie van de kenmerken en de locatie van de verkochte woningen. De index wordt vervolgens berekend op basis van de waargenomen evolutie van de gemiddelde prijzen en wordt aangepast met een factor die afhankelijk is van de waargenomen kwaliteitsverschillen tussen woningen die tijdens verschillende periodes zijn verkocht. Bijgevolg kan het indexcijfer van de woningprijzen anders evolueren dan de waargenomen gemiddelde prijzen.

Metadata