Focus op de arbeidsmarkt

Vooral onvoldoende talenkennis vormt barrière op de Belgische arbeidsmarkt

Werk & Opleiding
Vooral onvoldoende talenkennis vormt barrière op de Belgische arbeidsmarkt

Wie in het buitenland geboren werd en in België actief wil zijn op de arbeidsmarkt, geeft aan dat onvoldoende kennis van een van de landstalen de belangrijkste belemmering vormt voor het vinden van een job.

Dat blijkt uit nieuwe gegevens van Statbel, het Belgische statistiekbureau, op basis van de Enquête naar Arbeidskrachten met antwoorden van ruim 29.000 personen van 15 jaar tot en met 74 jaar. In deze resultaten gaat het om een reeks vragen die werd toegevoegd, zowel voor alle Belgen als specifiek voor personen die in het buitenland werden geboren.

Onvoldoende talenkennis als barrière

Vooral bij werklozen en inactieven is de taalbarrière groot: 19% van de werklozen en 11% van de inactieven geboren in het buitenland geeft aan niet voldoende kennis te hebben van een van de officiële talen in België en daardoor moeilijkheden ondervindt bij het vinden van een job. Ook het gebrek aan gepaste jobs, een niet-erkend buitenlands diploma en een beperkte wettelijke toegang tot de arbeidsmarkt spelen een rol voor werklozen en inactieven die in het buitenland werden geboren.

Tabel 1: Belangrijkste belemmering van personen geboren in het buitenland bij het vinden van een (passende) job naar arbeidsmarktstatuut (2021)

Belangrijkste belemmering bij het vinden van een (passende) job ** Totaal* Arbeidsmarktstatuut
IAB-Werkloos Werkend Inactief
Aantal (x1.000) % Aantal (x1.000) % Aantal (x1.000) % Aantal (x1.000) %
Onvoldoende kennis van één van de officiële talen in België (Nederlands, Frans of Duits) 117 9,0 21 19,3 62 7,1 33 10,6
Het buitenlands diploma werd in België niet erkend of werd op een lager niveau erkend 38 2,9 6 5,3 23 2,7 9 2,8
De wettelijke toegang tot de arbeidsmarkt was beperkt omwille van de nationaliteit of de verblijfsvergunning 24 1,9 6 5,5 12 1,4 6 1,8
Discriminatie op grond van vreemde origine 28 2,1 7 5,9 14 1,6 7 2,2
Er waren geen gepaste jobs beschikbaar 55 4,2 16 14,2 27 3,1 12 3,8
Andere belemmeringen 24 1,8 6 4,9 9 1,0 9 3,0
Er waren geen belemmeringen 1.016 78,0 50 44,9 729 83,1 237 75,7
Totaal 1.302 100,0 111 100,0 877 100,0 314 100,0

* doelgroep: alle personen van 15 tot en met 74 jaar die in het buitenland geboren zijn

** die overeenstemt met het (behaald) onderwijsniveau

Kennis van de taal van het taalgebied

Kijken we naar de inschatting van huidige kennis van de taal van het taalgebied waar men woont, dan is het niveau in de taalgebieden van het Waals Gewest het hoogst: bijna 80% geeft er aan een van de landstalen als moedertaal te hebben, of een ver gevorderde kennis te hebben. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gaat het om zo’n 60%, in Vlaams Gewest om zo’n 45%.

Het aantal mensen met nauwelijks of geen kennis, of een elementaire kennis, is ook veruit het hoogst in het Vlaams Gewest: zo’n 33%, tegenover 17% in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en 9% in het Waals Gewest.

Tabel 2: Personen geboren in het buitenland: huidige kennis van de taal van het gastland (2021)

Huidige kennis van de taal** van het gastland Totaal* Gewest woonplaats
Brussels Hoofdstedelijk Gewest Vlaams Gewest Waals Gewest
Aantal (x1.000) % % % %
Moedertaal 416 25,7 23,9 18,4 39,1
Gevorderde kennis 550 34,0 37,5 27,2 40,6
Intermediaire kennis 304 18,8 21,6 21,5 11,4
Elementaire kennis 236 14,6 12,0 22,3 5,4
Nauwelijks of geen kennis 113 7,0 5,0 10,6 3,5
Totaal 1.619 100,0 100,0 100,0 100,0

* doelgroep: alle personen van 15 tot en met 74 jaar die in het buitenland geboren zijn

**Nederlands voor het Vlaamse Gewest, Nederlands of Frans voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Frans voor het Waals Gewest (zonder het Duitstalig taalgebied), Duits voor het Duitstalig taalgebied

Discriminatie vooral op basis van vreemde origine en geslacht

Bij alle personen van 15 tot en met 74 jaar met een job, ongeacht hun geboorteland, geeft zo’n 97% aan dat ze niet gediscrimineerd werden in hun huidige job. Dat cijfer is het hoogst voor wie in België werd geboren, en het laagst voor wie in een niet-EU27-land werd geboren. In die laatste groep geeft 6,5% aan gediscrimineerd te zijn in de huidige job.

De redenen van discriminatie verschillen beduidend naargelang de achtergrond. We kijken hierbij enkel naar personen die aangegeven hebben gediscrimineerd te zijn in de huidige job. Van die groep, antwoordt vier werkenden op vijf (79%) die in een land buiten de EU27-zone werden geboren, dat vreemde origine (nationaliteit, huidskleur, accent, godsdienst en/of kledingstijl) aan de basis lag van de discriminatie. Ook voor drie werkenden op vijf (63%) die niet in België maar wel in een land binnen de EU27-zone werden geboren, speelde vreemde origine een rol. Bij Belgen die zich gediscrimineerd voelen in de huidige job, ligt vooral (51%) een andere reden dan leeftijd, geslacht, vreemde origine of handicap aan de basis.

Tabel 3: Het al dan niet gediscrimineerd worden in de huidige job, geslacht en geboorteland (2021)

Werd u in uw huidige job gediscrimineerd? Totaal* Geslacht Geboorteland
Mannen Vrouwen Belg EU27 niet-EU27
Aantal (x1.000) % % % % % %
Neen 4.688 96,7% 97,0% 96,4% 97,1% 96,0% 93,5%
Ja 161 3,3% 3,0% 3,6% 2,9% 4,0% 6,5%
Ja, voornamelijk op basis van 161 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0%
leeftijd 10 6,2% 6,2% 6,2% 8,3% 1,1% 1,4%
geslacht 24 15,2% 4,6% 25,2% 18,0% 15,2% 4,9%
vreemde origine** 52 32,3% 43,4% 21,8% 14,6% 62,9% 79,0%
handicap 10 6,0% 5,7% 6,3% 7,6% 1,7% 2,7%
een andere reden*** 65 40,3% 40,1% 40,5% 51,5% 19,0% 12,1%
Totaal 4.849 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0%

*doelgroep: alle personen van 15 tot en met 74 jaar met een job

**Omvat naast nationaliteit, huidskleur, een buitenlands accent ook een accent afkomstig van een dialect, godsdienst en/of kledingstijl en kan zodanig ook van invloed zijn op respondenten geboren in België.

***bv. slechte verstandhouding tussen collega's of met de baas, kent de exacte reden niet,....

Niveau van de job blijft gelijk of ligt hoger, maar minder bij vrouwen

Aan alle werkenden die niet in België werden geboren, en ook een job hadden voor ze naar België verhuisden, werd gevraagd om het niveau van de huidige job en de laatste job voor de migratie te vergelijken. De helft van hen (50,3%) geeft aan dat het niveau gelijk is gebleven. Nog eens 32% zegt dat het niveau nu hoger ligt.

Ook hier zien we verschillen naar specifieke herkomst en geslacht. Meer dan een op vijf (23%) werkende vrouwen die in het buitenland werden geboren zegt nu een job van een lager niveau te hebben dan voor ze naar België verhuisden. Ook werkenden die niet in een EU27-land werden geboren, geven vaker aan een job van een lager niveau te hebben.

Tabel 4: Vergelijking niveau vereiste vaardigheden huidige job met die van de job vóór verhuis naar België (2021)

Hoe zijn de vereiste vaardigheden van de huidige job in vergelijking met die van de laatste job vóór men naar België verhuisde? Totaal* Geslacht Geboorteland
Mannen Vrouwen EU27 niet-EU27
Aantal (x1.000) % % % % %
het niveau ligt nu hoger 121 31,9 33,1 30,3 35,0 28,0
het niveau ligt nu lager 67 17,7 14,5 22,5 11,7 25,5
het niveau is hetzelfde 190 50,3 52,5 47,2 53,3 46,5
Totaal 379 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0

*doelgroep: alle personen van 15 tot en met 74 jaar die in het buitenland geboren zijn

Een op vijf migreerde voor werk

Gevraagd naar wat de reden was om naar België te verhuizen, komt werk als antwoord uit de enquête bij meer dan een op vijf personen (22%) die in het buitenland werd geboren. Wie uit de EU-27-zone komt, verhuist vaker wanneer er al een job gevonden werd voor de migratie (18%). Bij personen met een herkomst buiten de EU-27, migreerde 12% voor werk zonder een job te hebben gevonden nog voor de migratie.

Echter, met voorsprong de grootste groep ondervraagden (55%) gaf aan dat familiale redenen, gezinshereniging of gezinsvorming de reden was om naar België te migreren.

De tweede plaats gaat naar werk. De derde meest voorkomende reden, en dan vooral bij personen van buiten de EU-27-zone, is internationale bescherming of asiel.

Tabel 5: Belangrijkste reden van migratie volgens geboorteland EU27 en niet-EU27 (2021)

Belangrijkste reden van migratie Totaal* Geboorteland**
EU27 niet-EU27
Aantal (x1.000) % Aantal (x1.000) % Aantal (x1.000) %
Werk, job gevonden vóór de migratie 155 9,6 118 17,8 38 4,0
Werk, geen job gevonden vóór de migratie 206 12,8 94 14,2 112 11,8
Familiale redenen, gezinshereniging of gezinsvorming 889 55,0 348 52,5 541 56,7
Onderwijs of opleiding 87 5,4 34 5,2 52 5,5
Pensioen 3 0,2 3 0,4 0 0,0
Internationale bescherming of asiel 158 9,8 8 1,2 150 15,8
Andere reden 117 7,2 58 8,7 59 6,2
Totaal 1.615 100,0 663 100,0 953 100,0

*doelgroep: alle personen van 15 tot en met 74 jaar die in het buitenland geboren zijn

Meer resultaten en tabellen zijn beschikbaar: Ad hoc module Arbeidsmarktsituatie van migranten en hun directe nakomelingen

Methodologische noot

In 2021 werden ruim 29.000 personen van 15 tot en met 74 jaar bevraagd over de arbeidsmarktsituatie van migranten en de factoren die daar een invloed op hebben. Geëxtrapoleerd naar de totale bevolking gaat het om 8.533.851 personen.

De vragen werden gesteld aan personen die niet in België geboren zijn maar een deel ervan was eveneens gericht aan personen die in België geboren zijn. Deze vragen werden toegevoegd aan de Enquête naar de Arbeidskrachten.

De resultaten zijn geen absolute cijfers maar het resultaat van een extrapolatie van een steekproef. Bij de interpretatie van de cijfers dient hiermee rekening te worden gehouden. Wanneer het geschatte aantal personen kleiner is dan 8000 (cijfers in rood), moeten de gegevens met de nodige omzichtigheid worden geïnterpreteerd.

Voor de Enquête naar de Arbeidskrachten wordt een steekproef getrokken uit de bevolking die is opgenomen in het Rijksregister. Het Rijksregister bevat de wettelijke bevolking zoals geregistreerd in de registers van de burgerlijke stand van de gemeenten. Het wachtregister van de asielzoekers wordt niet bijgeteld bij het bevolkingscijfer en komt ook niet in aanmerking voor de steekproeftrekking.

Voor het bepalen van de taal van het land werden de instructies van Eurostat gevolgd in geval het gaat over een land met meerdere officiële talen. Als taal werd de officiële taal van het taalgebied genomen: Nederlands voor het Vlaamse Gewest, Nederlands of Frans voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Frans voor het Waals Gewest (zonder het Duitstalig taalgebied), Duits voor het Duitstalig taalgebied.

Definities

De enquête is geharmoniseerd op Europees niveau. De definities over werkgelegenheid en werkloosheid die worden gehanteerd (zie tab “documentatie”) zijn die van het Internationaal Arbeidsbureau (IAB), waardoor een vergelijkbaarheid van de resultaten op internationaal vlak wordt gewaarborgd.

Laaggeschoolden zijn personen die maximaal een diploma hebben van het lager secundair onderwijs. Middengeschoolden zijn personen die een diploma behaald hebben van het hoger secundair onderwijs, maar geen diploma van het hoger onderwijs. Hooggeschoolden hebben een diploma van het hoger onderwijs.

AHM 2021
Content

Belangrijkste belemmering van personen geboren in het buitenland bij het vinden van een (passende) job naar arbeidsmarktstatuut (2021)

Belangrijkste belemmering bij het vinden van een (passende) job ** Totaal* Arbeidsmarktstatuut
IAB-Werkloos Werkend Inactief
Aantal (x1.000) % Aantal (x1.000) % Aantal (x1.000) % Aantal (x1.000) %
Onvoldoende kennis van één van de officiële talen in België (Nederlands, Frans of Duits) 117 9,0 21 19,3 62 7,1 33 10,6
Het buitenlands diploma werd in België niet erkend of werd op een lager niveau erkend 38 2,9 6 5,3 23 2,7 9 2,8
De wettelijke toegang tot de arbeidsmarkt was beperkt omwille van de nationaliteit of de verblijfsvergunning 24 1,9 6 5,5 12 1,4 6 1,8
Discriminatie op grond van vreemde origine 28 2,1 7 5,9 14 1,6 7 2,2
Er waren geen gepaste jobs beschikbaar 55 4,2 16 14,2 27 3,1 12 3,8
Andere belemmeringen 24 1,8 6 4,9 9 1,0 9 3,0
Er waren geen belemmeringen 1.016 78,0 50 44,9 729 83,1 237 75,7
Totaal 1.302 100,0 111 100,0 877 100,0 314 100,0
Tabel 2
Content

Flexibiliteit: hoe vaak men een verandering aan zijn werktijden moet aanbrengen omdat dit nodig is voor het werk* (EAK 2019)

  Geslacht totaal totaal zelfstandigen en helpers
mannen vrouwen totaal
Ten minste één keer per week 24,7% 15,9% 20,6% 16,5% 44,0%
Niet wekelijks maar ten minste één keer per maand 16,0% 16,3% 16,1% 16,3% 15,1%
Minder dan één keer per maand 16,4% 17,3% 16,8% 17,9% 10,3%
Nooit 42,7% 50,4% 46,3% 49,1% 30,3%
Geen antwoord/weet niet 0,3% 0,1% 0,2% 0,2% 0,3%
Totaal 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0%
* doelgroep: alle personen van 15 jaar en meer met een job
Tabel 3
Content
Voornaamste belemmering op het werk voor de combinatie werk en gezin (EAK 2018) Geslacht
Mannen Vrouwen Totaal
Geen belemmering 67,9% 66,1% 67,0%
Belemmering(en) 32,1% 33,9% 33,0%
Belangrijkste belemmering:
Lange werktijd 9,4% 6,7% 8,1%
Onvoorspelbare of moeilijke uurroosters 6,7% 7,2% 7,0%
Lange verplaatsing van en naar het werk 6,8% 5,9% 6,3%
Veeleisende of vermoeiende baan 7,3% 11,0% 9,1%
Gebrek aan ondersteuning van werkgevers en collega's 1,1% 1,9% 1,5%
Andere belemmeringen 0,8% 1,2% 1,0%
Totaal 100,0% 100,0% 100,0%
Tabel 4
Content

In welke mate bent u tevreden met uw huidige job? - EAK 2017

Tevreden met de job Professioneel statuut
Loontrekkenden Zelfstandigen Onbetaalde helpers Totaal
Heel tevreden 49,0% 55,0% 59,9% 49,9%
Redelijk tevreden 44,4% 39,5% 35,6% 43,7%
Weinig tevreden 5,3% 4,3% 2,5% 5,2%
Helemaal niet tevreden 1,2% 1,0% 2,1% 1,2%
Weet niet 0,0% 0,1% 0,0% 0,0%
Totaal 100,0% 100,0% 100,0% 100,0%
Tabel 5
Content

Speciale module over ‘jongeren op de arbeidsmarkt’ – EAK 2016

Methode waarop de job gevonden werd Percent
rechtstreekse sollicitatie 26
familie, vrienden of kennissen 24
advertentie 17
uitzend-, wervings- of selectiebureau 10
werkgever nam zelf contact op 8
onderwijsinstelling 7
openbare dienst voor arbeidsbemiddeling 6
andere 1
Totaal 100