Tweede job

Tweede job

Werk & Opleiding
vrouw

3,9% van de werkende bevolking heeft een tweede job. Dit percentage ligt het hoogst bij hooggeschoolden (4,8%).
53,4% van de tweede jobs worden als zelfstandig uitgeoefend.

Volgens geslacht
Content

Aantal mensen met een tweede job t.o.v. het totaal aantal werkende personen volgens geslacht (2017)

In % Mannen Vrouwen Totaal
Tweede job 4,0% 3,7% 3,9%
Geen tweede job 96,0% 96,3% 96,1%
Totaal 100,0% 100,0% 100,0%
In aantal Mannen Vrouwen Totaal
Tweede job 99.898 79.262 179.159
Geen tweede job 2.395.800 2.062.826 4.458.626
Totaal 2.495.698 2.142.088 4.637.786
Profiel
Content

Profiel van de mensen met een tweede job, cijfers in % t.o.v. het totaal aantal werkende personen (2017)

Geslacht
Man 4,0%
Vrouw 3,7%
Leeftijdsgroep
15 tot 24 jaar 3,0%
25 tot 49 jaar 4,2%
50 jaar en meer 3,3%
Onderwijsniveau
Laag 2,0%
Midden 3,5%
Hoog 4,8%
Statuut en sector
Content

Statuut en sector tweede job, verdeling in % (2017)

Beroepsstatuut in tweede job
Loontrekkend 30,4%
Zelfstandig 53,4%
Niet gekend 16,2%
Economische sector tweede job
A Landbouw, bosbouw en visserij N/A
B Winning van delfstoffen N/A
C Industrie 3,2%
D Productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht N/A
E Distributie van water, afval- en afvalwaterbeheer en sanering N/A
F Bouwnijverheid 5,0%
G Groot- en detailhandel; reparatie van auto’s en motorfietsen 7,8%
H Vervoer en opslag N/A
I Verschaffen van accommodatie en maaltijden 5,2%
J Informatie en communicatie 3,2%
K Financiële activiteiten en verzekeringen N/A
L Exploitatie van en handel in onroerend goed N/A
M Vrije beroepen en wetenschappelijke en technische activiteiten 8,5%
N Administratieve en ondersteunende diensten 8,1%
O Openbaar bestuur en defensie; verplichte sociale verzekeringen 3,8%
P Onderwijs 9,3%
Q Menselijke gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening 13,7%
R Kunst, amusement en recreatie 4,7%
S Overige diensten 4,7%
T Huishoudens als werkgever; niet-gedifferentieerde productie van goederen en diensten door huishoudens voor eigen gebruik N/A
U Extraterritoriale organisaties en lichamen N/A
Niet gekend 16,5%
Totaal 100,0%
In 2017 werd de Enquête naar de Arbeidskrachten grondig hervormd. Zo wordt vanaf 2017 met een roterend panel gewerkt, worden verschillende dataverzamelingsmodi gebruikt en werd de weegmethode herzien. Dit zorgt voor een breuk in de resultaten, waardoor de cijfers volgens de oude methode niet meer vergelijkbaar zijn met deze volgens de nieuwe methode.

Enquête naar de arbeidskrachten (EAK)

Doel en korte beschrijving

De enquête naar de arbeidskrachten (EAK) is een sociaal-economische steekproefenquête bij huishoudens. Haar voornaamste doelstelling is de populatie op actieve leeftijd (vanaf 15 jaar) op te delen in drie groepen (nl. werkende personen, werklozen en niet-actieve personen), en over elk van deze categorieën beschrijvende en verklarende gegevens te verstrekken. Deze enquête wordt ook in de andere EU-lidstaten uitgevoerd en wordt gecoördineerd door de statistische dienst van de Europese Unie, EUROSTAT. In België wordt de EAK georganiseerd door de Algemene Directie Statistiek van de FOD Economie. De bedoeling is informatie te vergaren die op Europees vlak vergelijkbaar is, o.m. inzake werkgelegenheids- en werkloosheidscijfers overeenkomstig de definities van het Internationaal Arbeidsbureau (IAB), en daarnaast gegevens te verzamelen en te verspreiden die elders niet verkregen kunnen worden. Voorbeelden hiervan zijn mobiliteit van de werknemers, motivatie voor deeltijds werken, de verschillende vormen van tijdelijke arbeid, beroep, onderwijsniveau van de bevolking op beroepsactieve leeftijd,…

Populatie

Leden van privé-huishoudens van 15 jaar oud of meer

Basis van de steekproef

Demografische gegevens van het rijksregister

Dataverzamelingsmethode en eventuele steekproefomvang

De informatie wordt voor de eerste bevraging verzameld via face to face interviews. Sinds 2017 volgen daarna nog drie kortere opvolgbevragingen die via het web of telefonisch gebeuren.

Gezinnen die uitsluitend bestaan uit inactieve personen ouder dan 64 jaar mogen ook telefonisch worden bevraagd.

Jaarlijks worden in België ongeveer 47.000 huishoudens aangeschreven om aan deze enquête deel te nemen.

Respons

De respons bedraagt + 75%.

Frequentie

Driemaandelijks.

Timing publicatie

Resultaten beschikbaar +/- 3 maanden na de referentieperiode

Formulieren

Definities

Personen met een betrekking (IAB): Personen met een betrekking zijn alle personen van 15 jaar en ouder die gedurende de referentieweek minstens één uur werk verrichtten voor loon of salaris of voor winst, of die een baan hadden maar tijdelijk afwezig waren. Daar horen ook de meewerkende familieleden bij. De personen met een betrekking worden onderverdeeld in drie groepen volgens hun beroepssituatie:

Loontrekkenden: Loontrekkenden zijn alle personen van 15 jaar of ouder die tijdens de referentieweek minstens één uur werk verrichtten (met of zonder formeel contract) voor loon of salaris, of die tijdelijk niet op het werk aanwezig waren (omwille van ziekte, zwangerschapsverlof, vakantie, sociaal conflict, weersomstandigheden of andere redenen) en die een formele band met hun baan hebben.

Niet-loontrekkenden: Niet-loontrekkenden zijn alle personen die niet in dienst werken van een werkgever en die gedurende de referentieweek minstens één uur werk verrichtten voor winst of die tijdens de referentieweek tijdelijk afwezig waren. Hierbij horen de zelfstandigen (zonder personeel) en werkgevers (met personeel) en de niet-vergoede helpers.

Metadata

Methodologie enquêtes

Wetgeving

Zijn er vragen over dit thema?