Herkomst

Diversiteit naar herkomst in België

Bevolking
Diversiteit naar herkomst in België

Op 01/01/2021 was 67,3% van de Belgische bevolking een Belg met Belgische achtergrond, 20,1% was een Belg met een buitenlandse achtergrond en 12,6% was een niet-Belg. Dat blijkt uit cijfers van Statbel, het Belgische statistiekbureau.

WAAROM EN HOE

België is een divers land en de diversiteit neemt toe. De vraag naar cijfermateriaal over de diversiteit van de bevolking neemt jaar na jaar toe, zowel vanuit de academische wereld als bij beleidsmakers. Om aan die vraag te beantwoorden, besloot Statbel deze tabellen over de Belgische bevolking naar herkomst op te stellen. Een tijdreeks van 2000 tot en met 2021 laat tegelijk toe de evolutie van de diversiteit naar herkomst te bestuderen.

Bij het opstellen van deze nieuwe statistiek heeft Statbel uitgebreid andere partners geconsulteerd, zowel experten demografie bij de regionale partners als enkele experten op het gebied van internationale migratie. De indeling in de herkomstgroepen en de naamgeving van de verschillende groepen werden afgetoetst en heeft geleid tot de onderstaande consensus.

De statistiek naar herkomst is gebaseerd op de volgende kenmerken: de eigen huidige en eerst geregistreerde nationaliteit en de eerst geregistreerde nationaliteit van beide ouders. Op basis daarvan worden drie grote herkomstgroepen onderscheiden:

  1. Belg met Belgische achtergrond;
  2. Belg met een buitenlandse achtergrond;
  3. Niet-Belg.

De tweede groep, Belgen met een buitenlandse achtergrond, is zeer divers en wordt daarom verder onderverdeeld in enkele subgroepen:

  • Belg met een buitenlandse achtergrond;
    • a. Belgische eerst geregistreerde nationaliteit;
      • i. Eén ouder met een buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit;
      • ii. Beide ouders met een buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit;
    • b. Buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit.

Daarnaast werd de nationaliteit van herkomst bepaald. Die werd samengenomen in de volgende nationaliteitsgroepen van herkomst:

  1. Belg (enkel en alleen de mensen in de herkomstgroep Belg met Belgische achtergrond);
  2. Buurland: Duitsland, Frankrijk, Nederland, het Groothertogdom Luxemburg en het Verenigd Koninkrijk worden als buurland beschouwd;
  3. EU27 (exclusief België en de buurlanden);
  4. Buiten EU27 (exclusief buurlanden).

De indeling van de Belgische bevolking naar herkomstgroep en nationaliteitsgroep van herkomst wordt meer in detail besproken in de documentatie en in twee beslisbomen beschikbaar in de tabellen.

BEVOLKING NAAR HERKOMSTGROEP

Op 01/01/2021 was 67,3% van de Belgische bevolking een Belg met Belgische achtergrond, 20,1% was een Belg met een buitenlandse achtergrond en 12,6% was een niet-Belg. In absolute cijfers gaat het respectievelijk om 7.753.000, 2.320.385 en 1.447.853 inwoners. De groep Belg met een buitenlandse achtergrond is zeer divers:

  • 49,7% heeft geen Belgische nationaliteit als eerst geregistreerde nationaliteit, maar heeft de Belgische nationaliteit intussen wel verworven.
  • 50,3% heeft de Belgische nationaliteit als eerst geregistreerde nationaliteit, waarbij:
    • 20,3% twee ouders heeft met een buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit;
    • 30,0% één ouder heeft met een buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit.

Er zijn belangrijke verschillen wanneer de drie Belgische gewesten met elkaar worden vergeleken:

  • Op Belgisch niveau was ongeveer twee derde van de bevolking Belg met Belgische achtergrond op 01/01/2021. Dat varieert van één op vier in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest naar twee op drie in het Waals Gewest en naar drie op vier in het Vlaams Gewest.
  • Globaal genomen was één op vijf een Belg met een buitenlandse achtergrond. Dat percentage is het laagst in Vlaanderen met 14,7%, stijgt naar 23,7% in Wallonië, om te eindigen bij 39,5% in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  • Het aandeel niet-Belgen in het Vlaams en het Waals gewest ligt rond de 10%. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is dat 35,5%.

Het is belangrijk op te merken dat de nationaliteit niet zegt of een persoon al dan niet gemigreerd is: de nationaliteit geeft eerder informatie over de herkomst van een persoon. Het geboorteland is een betere indicator om aan te duiden of iemand al dan niet een migratiebeweging gemaakt heeft naar België. Nagenoeg alle Belgen met Belgische achtergrond (98,3%) werden in België geboren. Tegelijk werd ook 70,0% van de Belgen met een buitenlandse achtergrond en 16,0% van de niet-Belgen in België geboren.

In de verschillende herkomstgroepen lijkt de proportie mannen en vrouwen gelijkmatig verdeeld te zijn. De leeftijd daarentegen is minder gelijkmatig verdeeld:

  • Het aandeel Belg met Belgische achtergrond neemt duidelijk toe met de leeftijd: het bedraagt 53,8% bij de 0-17-jarigen, 65,5% bij de 18 tot 64-jarigen en 86,9% bij de 65-plussers.
  • Opvallend is dat de minderjarigen die tot de herkomstgroep Belg met een buitenlandse achtergrond behoren, voornamelijk sterk vertegenwoordigd zijn in de subcategorieën waarbij de eigen eerst geregistreerde nationaliteit Belgisch is. Bij de 18-64-jarigen zien we net het omgekeerde: zij hebben frequenter een buitenlandse eigen eerst geregistreerde nationaliteit.
  • Het aandeel niet-Belgen is het hoogst bij de 18-64-jarigen, namelijk 14,8%. De 0-17-jarigen volgen met 11,7% en de 65-plussers met 6,4%.

De diversiteit naar herkomst is het afgelopen decennia toegenomen in België:

  • Het aandeel van de Belgen met Belgische achtergrond is afgenomen van 81,8% in 2001 naar 74,3% in 2011 en 67,3% in 2021.
  • Het aandeel Belgen met een buitenlandse achtergrond steeg met 5,7% tussen 2001 en 2011. Ook het laatste decennium steeg dit aandeel met 4,6%.
  • De proportie niet-Belgen nam toe van 8,4% in 2001 naar 10,2% in 2011 en naar 12,6% in 2021.

BEVOLKING NAAR HERKOMSTNATIONALITEIT

De Belgen met Belgische herkomst hebben allemaal een Belgische herkomstnationaliteit. Daarom focussen we in dit onderdeel enkel op de Belgen met een buitenlandse achtergrond en op de niet-Belgen.

Op 01/01/2021 waren de Belgen met een buitenlandse achtergrond en de niet-Belgen als volgt over de nationaliteitsgroepen van herkomst verdeeld: 20,3% behoorde tot de nationaliteitsgroep buurland, 28,1% tot de nationaliteitsgroep EU27 (exclusief buurlanden) en 51,7% tot de nationaliteitsgroep buiten de EU27.

Opnieuw zijn er enkele belangrijke verschillen wanneer de drie gewesten met elkaar vergeleken worden:

  • Het Vlaams Gewest lijkt een kleiner aandeel mensen te hebben wiens nationaliteitsgroep van herkomst in een EU27-land (exclusief de buurlanden) ligt: 20,9% ten opzichte van 28,1% op nationaal niveau. Tegelijk heeft Vlaanderen een groter aandeel mensen met een herkomstnationaliteit die buiten de EU27-zone ligt: 57,2% versus 51,7% op Belgisch niveau.
  • In het Waals Gewest zien we het omgekeerd patroon: een groter aandeel afkomstig uit een EU27-land (exclusief de buurlanden): 39,2% en een kleiner aandeel afkomstig uit een land buiten de EU27-zone: 37,9%.
  • Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft het kleinste aandeel mensen afkomstig uit een buurland: 13,8% in vergelijking met 20,3% op nationaal niveau. Ook bevat dit gewest het grootste aandeel mensen met een herkomstnationaliteit die buiten de EU27-zone ligt: 60,7%, in vergelijking met 57,2% in Vlaanderen en 37,9% in Wallonië.

Er zijn in de laatste decennia enkele verschuivingen terug te vinden:

  • De laatste 20 jaar nam het aandeel mensen behorend tot de nationaliteitsgroep van herkomst buurland af: van 28,0% in 2001 naar 23,8% in 2011 en tot 20,3% in 2021.
  • Omgekeerd zien we een toename van de nationaliteitsgroep van herkomst buiten de EU27-zone, die stijgt van 38,4% in 2001 naar 47,6% in 2011 om te eindigen bij 51,7% in 2021.

DOEL EN KORTE BESCHRIJVING

Deze statistiek geeft inzicht in de herkomst van de bevolking.

België is een divers land en de diversiteit neemt toe. De nood aan informatie omtrent de diversiteit van de bevolking is dan ook groot. Om aan deze vraag te beantwoorden, die onder andere luid klinkt in de wetenschappelijke wereld, werd besloten tabellen met de Belgische bevolking naar herkomst op te stellen. In eerste instantie zullen deze tabellen beschikbaar zijn voor enkele specifieke jaren. Op termijn wordt gewerkt aan een meer volledige tijdsreeks die zo ver als mogelijk teruggaat, zonder in te boeten op de kwaliteit van de gegevens.

De statistiek naar herkomst is gebaseerd op de volgende kenmerken: de eigen huidige en eerst geregistreerde nationaliteit, en de eerst geregistreerde nationaliteit van de ouders. Deze kenmerken zijn beschikbaar in het Rijkregister der Natuurlijke personen (RRNP) dat wordt beheerd door de FOD binnenlandse zaken. Het RRNP is een informatiesysteem dat de registratie, de opslag en de communicatie van de identificatiegegevens van personen verzekert. Deze gegevens worden verzameld door de gemeenten (en de dienst Vreemdelingenzaken voor bepaalde categorieën). De informatie in het Rijksregister is georganiseerd in ‘informatietypes (IT)’, zijnde de verschillende onderdelen van de wettelijke informatiegegevens.

De belangrijkste ITs voor het bepalen van de herkomst zijn: (1) IT031: nationaliteit;(2) IT110: de afstamming en (3) IT100 de geboorteplaats. Er werd door Statbel een algoritme ontwikkeld dat toelaat om op basis van de IT110 de ouders van een persoon te bepalen, een essentiële ontwikkeling om de herkomst te kunnen bepalen.

De volgende tabellen in verband met herkomst zijn beschikbaar:

  1. Bevolking naar herkomst en geboorteland per gemeente
  2. Bevolking naar herkomst, geboorteland, leeftijd en geslacht per gemeente
  3. Bevolking naar herkomst, geboorteland en nationaliteitsgroep van herkomst per gemeente

BEPALEN VAN DE HERKOMST

Een schematisch overzicht van het proces om de herkomst te bepalen kan worden teruggevonden in de tabellen, namelijk op het tabblad “beslisboom herkomst”.

De indeling naar herkomst bestaat uit 3 hoofdcategorieën:

  1. Niet-Belg;
  2. Belg met een buitenlandse achtergrond;
  3. Belg met Belgische achtergrond.

Echter, de categorie Belg met een buitenlandse achtergrond is zeer heterogeen. Deze categorie wordt bijgevolg opgedeeld in enkele subcategorieën:

  • 1. Buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit;
  • 2. Belgische eerst geregistreerde nationaliteit;
    • a. Beide ouders met een buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit;
    • b. Eén ouder met een buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit.

Het is belangrijk op te merken dat het concept nationaliteit inzicht geeft in de herkomst van een persoon, maar daarentegen niets zegt over een mogelijke migratiebeweging. Omgekeerd zegt het geboorteland van een persoon weinig over de herkomst van een persoon, maar geeft deze wel expliciet informatie over het plaatsvinden van een migratiebeweging. Vandaar dat het geboorteland steeds als achtergrondkenmerk wordt meegenomen in de tabellen.

Het vertrekpunt voor het bepalen van de herkomst is de huidige nationaliteit. Indien deze niet-Belgisch is, komt men terecht in de categorie “niet-Belg”.

Is de huidige nationaliteit Belgisch, dan wordt in tweede instantie gekeken naar de eerst geregistreerde nationaliteit. Is deze niet-Belgisch, dan behoort men tot de categorie “Belg met een buitenlandse achtergrond” en meer bepaald tot de subcategorie met een “buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit”.

Zijn zowel de huidige, als de eerst geregistreerde nationaliteit Belgisch, dan wordt bijkomend gekeken naar de eerst geregistreerde nationaliteit van de ouders. Indien beide ouders een niet-Belgische eerst geregistreerde nationaliteit hebben, dan behoort men opnieuw tot de categorie “Belg met een buitenlandse achtergrond”, maar ditmaal tot de subcategorie “beide ouders met een buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit”. Wanneer slechts één van beide ouders een niet-Belgische eerst geregistreerde nationaliteit heeft, dan behoort men eveneens tot de categorie “Belg met een buitenlandse achtergrond”, maar in dit geval tot de subcategorie “één ouder met een buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit”.

Tot slot worden de personen die tot geen van bovenstaande categorieën behoren ingedeeld in de categorie “Belg met Belgische achtergrond”. Deze hebben dus zelf een Belgische huidige en eerst geregistreerde nationaliteit en bij de ouders wordt geen buitenlandse eerst geregistreerde nationaliteit teruggevonden.

Technische nota: indien de informatie onvolledig is (één of beide ouders zijn onbekend), dan wordt het volgende principe toegepast: men behoort tot de categorie “Belg met Belgische achtergrond” totdat een indicatie wordt gevonden van een buitenlandse achtergrond, bij zichzelf of de bekende ouder.

De meerderheid, ongeveer 75%, heeft twee gekende ouders.

Een kleinere groep heeft dus één of twee ouders die niet geïdentificeerd zijn. Ongeveer de helft onder hen is zelf naar België geïmmigreerd. Deze groep vormt echter geen probleem, omdat hun eerst geregistreerde nationaliteit in nagenoeg alle gevallen niet-Belgisch zal zijn. Bijgevolg kunnen ze niet terecht komen in de categorie “ Belg met Belgische achtergrond”. Een tweede helft betreft voornamelijk de oudere bevolking. Meer dan 85% onder hen is 55 jaar of ouder, deze groep komt wel voornamelijk terecht in de categorie “Belg met Belgische achtergrond”.

Het bepalen van de ouders voor de oudere bevolking is moeilijk, aangezien het RRNP - zoals we het vandaag kennen - pas sinds de jaren ’80 bestaat. Bij de opstart van het RRNP is getracht om zoveel mogelijk informatie te integreren, maar het is logisch dat niet voor iedereen - lees vnl. de oudere bevolking – alle informatie geïntegreerd werd. Bovendien wordt vastgesteld dat indien informatie over één ouder beschikbaar is bij deze 55-plussers, deze ene bekende ouder in meer dan 98% van de gevallen ook een Belgische eerst geregistreerde nationaliteit heeft. Dit lijkt de aanname, dat deze mensen hoogstwaarschijnlijk tot de categorie “ Belg met Belgische achtergrond” behoren, te onderbouwen.

BEPALEN VAN DE NATIONALITEITSGROEP VAN HERKOMST

Een schematisch overzicht van het proces om de nationaliteitsgroep van herkomst te bepalen kan worden teruggevonden in de tabellen, namelijk op het tabblad “beslisboom nationaliteit”. Het vertrekpunt voor het bepalen van de nationaliteitsgroep van herkomst is de in de vorige stap bepaalde herkomst. Indien men behoort tot de categorie “Belg met Belgische achtergrond”, dan is de nationaliteitsgroep van herkomst Belgisch.

Behoort men niet tot de categorie “Belg met Belgische achtergrond”, dan wordt in eerste instantie gekeken naar de eerst geregistreerde nationaliteit van de vader. Is de eerst geregistreerde nationaliteit van de vader niet-Belgisch dan wordt de nationaliteitsgroep van herkomst bepaald door de eerst geregistreerde nationaliteit van de vader.

Wanneer de vader onbekend is, of de eerst geregistreerde nationaliteit van de vader Belgisch is, wordt vervolgens gekeken naar de eerst geregistreerde nationaliteit van de moeder. Is deze niet-Belgisch, dan wordt de nationaliteitsgroep van herkomst bepaald door de eerst geregistreerde nationaliteit van de moeder.

Indien de moeder onbekend is of de eerst geregistreerde nationaliteit van de moeder Belgisch is, wordt ten slotte gekeken naar de eigen eerst geregistreerde nationaliteit. Deze laatste wordt in dat geval gebruikt om de nationaliteitsgroep van herkomst te bepalen.

De nationaliteit van herkomst wordt tot slot onderverdeeld in vier grote categorieën:

  1. Belg;
  2. Buurland, bestaande uit Duitsland, Frankrijk, Groothertogdom Luxemburg, Nederland en het Verenigd Koninkrijk;
  3. EU27, exclusief België en exclusief de buurlanden;
  4. Buiten EU27.

POPULATIE

De Belgische bevolking op 1 januari van het referentiejaar.

FREQUENTIE

Jaarlijks.

TIMING PUBLICATIE

Resultaten zijn 6 maand na de referentieperiode beschikbaar.

DEFINITIES

Geslacht: is één van de basisgegevens die onmiddellijk wordt verzameld bij de eerste inschrijving en vormt een onderdeel van IT000. Opmerking: bij een geslachtswijziging wordt het oude dossier van de persoon volledig geannuleerd en een volledig nieuw dossier wordt opgemaakt. Bijgevolg zal iemand die van geslacht verandert, vanaf de dag van de officiële wijziging, dit nieuwe geslacht hebben van bij de geboorte.

Leeftijd: de geboortedatum, wordt net zoals het geslacht, verzameld bij de eerste inschrijving en vormt een onderdeel van IT000. De leeftijd wordt berekend als de leeftijd die men, op basis van de geboortedatum, heeft bereikt op 1 januari van het betreffende referentiejaar.

Woonplaats: de gemeente van de hoofdverblijfplaats is beschikbaar in de IT001, het eigenlijke adres van de hoofdverblijfplaats (postcode, straatcode, huisnummer en busnummer) is beschikbaar in IT020. De hoofdverblijfplaats wordt door het RRNP als volgt gedefinieerd: de plaats waar de leden van een huishouden dat uit verscheidene personen is samengesteld gewoonlijk leven, ongeacht of die personen al dan niet door verwantschap verbonden zijn, of de plaats waar een alleenstaande gewoonlijk leeft.

Huidige nationaliteit: de nationaliteit is beschikbaar in IT031. Indien gesproken wordt over de huidige nationaliteit, wordt de nationaliteit van de persoon op 1 januari van het referentiejaar bedoeld. Het is belangrijk om op te merken dat diegenen met een dubbele nationaliteit slechts één maal worden meegeteld. In het geval dat één van deze nationaliteiten de Belgische is; worden ze beschouwd als mensen met de Belgische nationaliteit en wordt geen rekening gehouden met de tweede nationaliteit.

Eerst geregistreerde nationaliteit: de nationaliteit, alsook de volledige nationaliteitshistoriek, is beschikbaar in IT031.De eerste geregistreerde nationaliteit is de nationaliteit die met de eerste registratie van een persoon in deze tabel overeenkomt. In het geval dat het zou gaan om een dubbele nationaliteit en één van deze nationaliteiten de Belgische is, dan worden ze beschouwd als mensen met de Belgische nationaliteit.

Geboorteland: de geboorteplaats wordt geregistreerd in de IT100. Indien een persoon in België werd geboren, wordt hierin de gemeente van geboorte geregistreerd. Bij personen geboren in het buitenland wordt de landcode van het land van geboorte geregistreerd.