Feto-infant mortality

400 infant deaths in 2015

Population
400 infant deaths in 2015

In 2015, 400 deaths of children less than 1 year of age were recorded. The infant mortality rate continues to decrease at national level and stands at 3.3 per mille. This represents a decrease of almost 40 % between 1998 and 2015. At regional level, the recent developments are mixed, with a slight increase in Flanders and a significant decrease in Wallonia and in the Brussels-Capital Region, which returns to a level comparable to that of 2013.

In the longer term, the three regions have recorded a significant decrease of deaths of children less than 1 year of age: from -25 % in Flanders to -41 % in Brussels and -46 % in Wallonia.

After having increased for several years due to improved recording, the number of stillbirths is decreasing again since 2010 and stood at 536 in 2015, i.e. a decrease of 10 % compared to 2014.

In the Brussels-Capital Region, the situation is mixed with the lowest infant mortality rate (2.5 per mille) but the highest stillbirth rate (5.9 per mille).

The infant mortality rate is the ratio between the number of deaths of children less than one year of age during the year and the live births of that same year (in per mille).

The stillbirth rate is the ratio between the number of stillbirths during the year and the total of births (including stillbirths) of that same year (in per mille).

Tabel
Content

België, Overleden zuigelingen volgens de leeftijd bij het overlijden (in dagen), per geslacht 2014

Leeftijd bij het overlijden BELGIË
Jongens Meisjes Totaal
Totaal 247 176 423
Minder dan 1 dag 61 54 115
1 dag 11 5 16
2 dagen 17 8 25
3 dagen 8 3 11
4 dagen 11 3 14
5 dagen 4 8 12
6 dagen 7 6 13
7 - 27 dagen 39 40 79
28 - 364 dagen 89 49 138
Gemiddelde leeftijd (in dagen) 45,7 41,1 43,8
Bron : Statbel (Algemene Directie Statistiek - Statistics Belgium)
Visueel
Content
Downloads

Doel en korte beschrijving

De statistiek van de foeto-infantiele sterfte is opgesteld vertrekkende van het formulier van aangifte van een stergeval van een kind van minder dan één jaar of van een doodgeborene. Sinds 2010 wordt ook gebruik gemaakt van het Rijksregister om de ambtelijk relevante levensgebeurtenissen accurater te bepalen en de hoofdinformatie te controleren. Deze statistiek splitst de overlijdens uit naar sterfte op minder dan één jaar en doodgeborenen, per geslacht, volgens de administratieve eenheden van het land, volgens de belangrijkste karakteristieken van de moeder (leeftijd, burgerlijke staat, staat van eenheid, opleidingsniveau, professioneel statuut, nationaliteit) en volgens bepaalde karakteristieken van de bevalling en van de nieuw-geborenen (plaats, manier, tweelinggeboorte, gewicht, duur van de zwangerschap, aangeboren afwijking). Ze maakt ook verschillende indicatoren van foeto-infantiele sterfte en een opsplitsing van de foeto-infantiele overlijdens volgens de leeftijd van overlijden.

Dataverzamelingsmethode

De statistiek van de foeto-infantiele sterfte wordt opgesteld op basis van twee bronnen: het Rijksregister van de natuurlijke personen (RR) en de statistische aangifteformulieren voor een kind jonger dan één jaar of doodgeboren (Model IIID). Die formulieren vormen een belangrijke bron over kindersterfte en zijn rijk aan informatie, inz. aan gezondheidsgegevens. Ze leveren ook informatie aan over de omstandigheden van de geboorte en over de ouders van de overleden kinderen. Ze zijn de enige informatiebron over doodgeboorten of laattijdige foetale overlijdens. De informatie verschaft door het RR is minder uitgebreid, heeft enkel betrekking op kindersterfte, maar is wel sneller beschikbaar; ze omvat het overlijden van alle in België verblijvende (en dus in het RR ingeschreven) kinderen, ongeacht of het overlijden plaatsvond in België of in het buitenland. Tot in 2009 werden die twee bronnen t.a.v. elkaar geconsolideerd, maar wel in die zin dat de aangifteformulieren als referentie dienden, waarbij het RR dan voornamelijk werd ingezet om de gegevens aan te leveren die ontbraken of die op de aangifteformulieren niet werden opgevraagd. Voor het opstellen van de statistiek van de kindersterfte werden dusdoende enkel in acht genomen de (in België plaatsgevonden en bijgevolg) bij de Belgische burgerlijke stand gemelde overlijdens, d.i. die waarbij de opgegeven verblijfplaats een Belgische gemeente was. Vanaf 2010 wordt de statistiek opgesteld met het RR als referentie. Voortaan worden enkel de in het RR opgenomen overlijdens van een kind in aanmerking genomen. Door gebruikmaking van het RR kunnen de in het buitenland plaatsgevonden overlijdens van een kind in de statistiek worden meegerekend. Verder wordt het hierdoor mogelijk de overlijdens van kinderen ingeschreven in het wachtregister voor vluchtelingen en asielzoekers te onderkennen.

Populatie

Geheel van rechtswege foeto-infantiele overlijdens

Frequentie

Jaarlijks.

Timing publicatie

Resultaten beschikbaar 1 jaar na de referentieperiode

Definities

Overleden zuigeling: overlijden voor de eerste verjaardag van een levend geboren kind.

Doodgeborene: kind dat op het moment van de geboorte geen enkel teken van leven vertoont (zoals ademhaling, hartslag, pulseren van de navelstreng, effectieve samentrekking van een spier) en ten minste 500 gram weegt of, als het gewicht onbekend is, een zwangerschapsduur had van ten minste 22 weken. Onder deze grens gaat het over een vroegtijdig foetaal overlijden dat niet officieel wordt aangegeven.

Tweelinggeboorte: Totaal aantal geboorten, doodgeboren inbegrepen, ten gevolge de zwangerschap

Plaats van het kind: Plaats van het kind in het geheel van levende geboorten bij de moeder

Duur zwangerschap : Duur van de zwangerschap (in weken) op het moment van de geboorte

Manier van bevallen : Soort van hulp bij de bevalling

Aangeboren afwijkingen : Aanwezigheid van één of meer aangeboren afwijkingen

Gewicht : Gewicht (in gram) van het kind bij de geboorte

APGAR na 1 min : APGAR-score na 1 minuut

APGAR na 5 minuut : APGAR-score na 5 minuut.

Metadata