Skip navigation

Prijsobservatie en -analyse

Het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) is al vijftien jaar bevoegd voor het opstellen van de nationale en regionale rekeningen, de rekeningen van de openbare besturen, de statistieken van de buitenlandse handel, de input-outputtabellen en de economische vooruitzichten die vereist zijn voor het opstellen van de economische begroting. Het wetsontwerp tot wijziging van de wet van 21 december 1994 houdende sociale en diverse bepalingen (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 30 april 2009), stelt voor de taken van het INR uit te breiden tot de prijsobservatie en -analyse.

Daarmee wordt gestalte gegeven aan een van de punten uit het Federale Regeerakkoord van 18 maart 2008. Hoofdstuk drie van dat akkoord handelt over het versterken van de koopkracht en stipuleert: “De regering zal een observatorium van de prijzen installeren, bestaande uit de bevoegde nationale instanties, die de verschillende componenten van de eindprijzen aan de consumenten zal onderzoeken (inbegrepen de energieprijzen). In voorkomend geval zal de regering de nodige maatregelen nemen. Dit onafhankelijk raadgevende instrument ten dienste van de regering zal die laatste eveneens in staat stellen een beter zicht op en de nodige informatie over de goede werking of de concurrentievervalsing op de Belgische markt te verwerven”.

De drie geassocieerde instellingen in het INR beschikken over heel wat ervaring en kennis over de prijzen. De Nationale Bank van België is als lid van het Europese stelsel van Centrale Banken mede verantwoordelijk voor het monetaire beleid van de eurozone, dat in de eerste plaats gericht is op prijsstabiliteit. Waken over de inflatie en de macro-economische determinanten ervan behoort tot de kernactiviteiten van de instelling. Het Federaal Planbureau, dat voor rekening van het INR de economische vooruitzichten van ons land opstelt, maakt zowel korte- als lange-termijnvoorspellingen over inflatie. De cijfergegevens over de index der consumptieprijzen worden verzameld en verwerkt door de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie (hierna FOD Economie genoemd), meer bepaald de algemene directie Statistiek en Economische informatie (ADSEI). Daarnaast beschikt de FOD Economie via andere algemene directies en diensten zoals Energie, K.M.O-beleid en Economisch Potentieel en de prijzendienst over tal van relevante gegevens op micro-niveau.

Dat de Regering de nieuwe opdracht nu wil toevertrouwen aan het INR is dan ook geen toeval, temeer daar deze instelling al jaren operationeel is en de drie geassocieerde instellingen in het verleden bewezen hebben op een efficiënte en krachtige manier te kunnen samenwerken.
Net zoals dat het geval is voor de andere taken van het INR, zal de nieuwe opdracht worden toevertrouwd aan één van de drie geassocieerde instellingen, in casu de FOD Economie en zullen de resultaten van de desbetreffende werkzaamheden ter goedkeuring worden voorgelegd aan de Raad van het INR.

Het lastenboek dat, conform artikel 110 van de wet van 21 december 1994 houdende sociale en diverse bepalingen, de modaliteiten bepaalt van de wijze waarop de aan de geassocieerde instellingen toevertrouwde opdrachten zullen worden uitgevoerd, voorziet volgende nieuwe publicaties van het INR:

  • drie kwartaalverslagen;
  • een jaarverslag (waarin de analyse van de prijzen van het laatste kwartaal wordt geïntegreerd);
  • thematische rapporten over belangrijke onderwerpen in het domein van de prijzen, die het INR op eigen initiatief onderzoekt;
  • punctuele analyses op vraag van de bevoegde ministers (de ministers bevoegd voor Economie, Consumentenbescherming, KMO’s en Zelfstandigen).

Publicaties